Social Work voltijd

Vierjarige bachelor in het Nederlands, start in september

Blijf je je verwonderen over mensen en hun gedrag? Ben je nieuwsgierig en wil je iets voor hen betekenen? Zie je kansen voor mensen om meer zelfstandig en meer samen te leven? Volg dan Social Work!

Voor wie?

De bacheloropleiding Social Work is speciaal voor studenten die iets willen betekenen voor mensen die niet meer mee kunnen doen in de samenleving of buiten de boot dreigen te vallen. Voor studenten die willen meewerken hun kansen te vergroten en hun talenten te benutten. Alleen, maar meestal samen met anderen.

Wat leer je?

Je leert hoe jij iemand professioneel kunt ondersteunen. Als jij stevig in je schoenen staat en het lef hebt om op dreigende problemen af te stappen, leren wij je hoe jij als social worker het verschil kunt maken. Je start met een brede basis van twee jaar en daarna kies je een profiel dat het best bij jou past. Je ontwikkelt kennis, vaardigheden en een professionele houding om breed inzetbaar te zijn en te blijven.

Wat maakt Social Work bijzonder?

Wat Social Work echt bijzonder maakt, is dat je vanaf de start zelf leert en oefent met concrete vraagstukken uit de praktijk en je rol daarin. Wat er om je heen gebeurt, is de springplank naar de theorie. Zo leer je reële uitdagingen in hun context begrijpen en analyseren. En die context is Rotterdam, een complexe draaikolk van meer dan 175 nationaliteiten en ontelbare verschillen. Hier vind je de fysieke en mentale ruimte voor het verschil dat jij wilt maken.

Vraag de brochure aan

Brochure aanvragen

Geslacht
Woon je in het buitenland? Vraag dan de brochure(s) aan via e-mail.

Social Work voltijd

    Studie in Cijfers

    studiekeuze123.nl/studie-in-cijfers Laatste wijziging op 22-08-2018 Bekijk meer informatie over Studie in Cijfers
    Deze opleiding
    Landelijk

    Toelichting van de opleiding

    Social Work is in 2016 gestart na samenvoeging van Culturele en Maatschappelijke Vorming, Maatschappelijk Werk en Dienstverlening, Sociaal Pedagogische Hulpverlening en Pedagogiek. Een deel van de cijfers is afkomstig van deze 4 opleidingen.

    Arbeidsmarkt

    1,5 jaar na afstuderen

    2%

    Werkloos

    58%

    Werk op niveau

    Opbouw

    Hoe is de opleiding opgebouwd?

    Waarom Social Work?

    De opleiding Social Work bij Hogeschool Rotterdam is in september 2016 van start gegaan. Voor die tijd kon je kiezen uit vier aparte sociale hbo-opleidingen: Culturele en Maatschappelijke Vorming, Maatschappelijk Werk en Dienstverlening, Pedagogiek en Sociaal Pedagogische Hulpverlening, of de Oriënterende Propedeuse Gedrag en Maatschappij. Dat is nu anders.

    Door allerlei maatschappelijke ontwikkelingen is de sociale sector sterk aan het veranderen. Denk bijvoorbeeld aan het overhevelen van zorgtaken van provincie naar gemeente. Of aan de omvorming van verzorgingsstaat naar participatiemaatschappij. De problematiek verandert niet, doelgroepen veranderen niet, maar wel gaan professionals in de sociale sector anders werken. Ze krijgen steeds meer en complexere taken.

    In de toekomst komt er bovendien meer vraag naar breed inzetbare social workers. Daarom heeft Hogeschool Rotterdam gekozen voor een nieuwe opleiding waar je in de eerste twee jaar uitgebreid kennismaakt met alle facetten van het sociaal werk. Daarna kies je een profiel waarmee je je kunt specialiseren. Op deze manier ben je straks goed gekwalificeerd als de social worker van de toekomst.

    Onderwijsvisie

    Bij de opleidingen van Hogeschool Rotterdam voelt iedereen zich welkom en hoort iedereen erbij. Studenten en docenten kennen elkaar en weten elkaar te vinden. De docenten doen er alles aan om je te begeleiden bij je studie op een manier die bij jou past. Dit vraagt van jou betrokkenheid en een actieve inzet. Samen maken we het onderwijs.

    Kenmerkend voor het onderwijs van Hogeschool Rotterdam is de aandacht voor:

    • De kennisbasis van het beroep
    • Handelen in de beroepspraktijk
    • Je eigen professionele identiteit

    Al deze elementen komen steeds aan bod tijdens de opleiding. Studenten (en medewerkers) hebben invloed op de manier waarop dit gebeurt in medezeggenschapsraden

    In het begin van je studie ligt de nadruk op het ontwikkelen van kennis en vaardigheden, maar direct komt ook de praktijk aan bod. Je leert reële beroepsvraagstukken aan te pakken, in samenwerking met medestudenten, docenten, professionals uit de praktijk en praktijkgerichte onderzoekers. In het begin krijg je veel begeleiding van je docent, later neem je steeds meer het heft in eigen handen. Tijdens je studie leer je jezelf steeds beter kennen en ontdek je wat jouw unieke kwaliteiten zijn als beroepsbeoefenaar.

    Praktijk centraal

    Social Work is een sociale opleiding waarin de praktijk centraal staat. Natuurlijk, je krijgt ook theorie, maar je gaat als student Social Work direct aan de slag met beroepssituaties in de praktijk. In de eerste twee studiejaren krijg je als student Social Work theorieën aangeboden die je helpen om die beroepssituaties te begrijpen en aan te pakken. Je ontwikkelt de nodige vaardigheden en brengt meteen het geleerde in de praktijk. Ook in de laatste twee studiejaren is het de praktijk die telt. Je bent veel aan de slag in het werkveld en volgt onderwijs dat is afgestemd op jouw profielkeuze. Ook nu staan beroepssituaties centraal, maar deze worden steeds complexer. Samen met professionals uit het werkveld, docenten en onderzoekers vorm je een leerwerkgemeenschap waarin je samen werkt, leert en onderzoek doet.

    Basisprogramma jaar 1 en 2

    In het eerste en tweede studiejaar werk je telkens gedurende vijf weken aan een thema, dat steeds vanuit een ander perspectief wordt belicht. Je verwerft kennis over het thema, je ontwikkelt vaardigheden en je doet ervaring op in de praktijk. De thema’s van jaar 1 en 2 zijn Superdiversiteit, Inclusie, Macht en onmacht en Kwaliteit van leven.

    Ieder half jaar wordt afgesloten met een assessment waarbij je wordt uitgedaagd om alle kennis en vaardigheden toe te passen die tot dan aan de orde zijn geweest. In beide jaren doe je praktijkervaring op. In het eerste jaar maak je bijvoorbeeld kennis met de manier waarop jongeren met eenvoudige problematiek worden begeleid in mentoringprojecten.

    In het tweede jaar loop je een verdiepende stage en krijg je te maken met complexere problematieken. In het basisprogramma van twee jaar maak je deel uit van een klas en krijg je een studieloopbaancoach. Deze begeleidt en coacht de klas en jou als student. De klas is de eerste ‘oefentuin’ en zal in deze eerste twee studiejaren een belangrijke functie vervullen in het samen werken en samen leren.

    Profielen en programma jaar 3 en 4

    Profielen 

    Na het brede basisprogramma breekt de tijd aan dat je je als social worker kunt profileren. De laatste twee studiejaren zijn hiervoor bedoeld. Je kunt kiezen uit vier profielen:

    In dit profiel werk je in (wijk)netwerken met uiteenlopende doelgroepen, waarbij je levensgebieden met elkaar verbindt. Zoals gezondheid, arbeid en inkomen, wonen en vrijetijdsbesteding, veiligheid, zelfontplooiing en sociale contacten. Je gaat aan de slag met mensen en groepen in buurten, wijken en regio’s en organiseert zinvolle verbanden tussen deze netwerken. Je leert meer over begrippen zoals zelf- en samenredzaamheid, participatie en mensenrechten.

    In dit profiel specialiseer je je als social worker in de zorg. Je leert over de complexe problemen waarmee mensen met een (tijdelijke) beperking en hun netwerk te maken kunnen hebben. Samen ga je op zoek naar mogelijkheden om talenten te benutten en waar mogelijk de participatie te bevorderen. Daarom leer je ook over de mensen, instanties en structuren om de mens met een beperking heen. Want een gerichte inzet van het netwerk en een betere afstemming binnen dat netwerk zijn belangrijke taken voor jou.

    In dit profiel specialiseer je je als social worker in de ggz. Je leert mensen met psychiatrische problematiek te behandelen, ondersteunen en begeleiden. Het doel is (re-)integratie in de samenleving. Daarom richt je je op de mogelijkheden van deze mensen om sociaal-maatschappelijk te functioneren. Je bent geïnteresseerd in de psyche van de mens. Je wilt weten hoe het is om met psychiatrische problemen te leven en hoe je mensen zo kan begeleiden dat ze in de samenleving kunnen functioneren.

    In dit profiel specialiseer je je als social worker in de praktijk van preventie en ondersteuning, jeugdhulp en jeugdzorg. Je wilt kinderen gezond en veilig laten opgroeien en hun talenten laten ontwikkelen. Dit gebeurt altijd in samenwerking met opvoeders en het sociale netwerk. Hulpverlening aan kinderen en gezinnen dient dan ook een aaneensluitend traject te zijn (één gezin, één plan, één regisseur) vanuit alle levensdomeinen. Je doel is een opgroeiklimaat te scheppen waarin iedereen zich verantwoordelijk voelt en elkaar ondersteunt.

     

    Programma jaar 3 en 4

    In het derde jaar van je opleiding loop je een jaar, van maandag tot en met donderdag, stage binnen een leerwerkgemeenschap die past bij je profielkeuze. De leerwerkgemeenschap is een leeromgeving waarin je met andere studenten, maar ook professionals uit het werkveld, docenten en zelfs onderzoekers samenwerkt.

    Vrijdag is de terugkomdag op school. De thema’s op school maken plaats voor vraagstukken die aansluiten op de beroepssituaties die kenmerkend zijn voor je gekozen profiel en de leerwerkgemeenschap waar je stage loopt. Ook de theorie heeft met deze vraagstukken te maken. Omdat de leerwerkgemeenschap hoort bij je gekozen profiel, kom je op school nieuwe gezichten tegen: andere studenten en misschien ook andere docenten dan je gewend bent.

    Het laatste jaar volg je een minor van een half jaar en rond je je studie af met een afstudeeropdracht. Deze afstudeeropdracht, ook wel de bachelorproef genoemd, staat eveneens in het teken van het gekozen profiel. Je verricht individueel een praktijkgericht onderzoek voor een organisatie uit het werkveld naar keuze en je ontwikkelt een beroepsproduct.

    Keuze en begeleiding

    Keuze

    In jaar 1 en 2 is een aantal studiepunten gereserveerd voor keuzevakken. Met keuzeonderwijs kun je invulling geven aan je specifieke leerbehoeften. Soms blijkt dat je moeite hebt met een bepaald vak. Dan is het nuttig je kennis hiervan bij te spijkeren. Bijvoorbeeld op het gebied van de Nederlandse taal. 

    Begeleiding

    Alle studenten zijn uniek en hebben hun eigen ideeën over wat zij in hun studie willen bereiken. In onze begeleiding maken we je bewust van je capaciteiten, kansen en uitdagingen. Zo helpen we je om jezelf te overtreffen en het beste uit jezelf te halen. Als student krijg je een studieloopbaancoach (docent) die je begeleidt en de studievoortgang in de gaten houdt. Ook kun je een peercoach krijgen: een ouderejaarsstudent die een jongerejaars begeleidt.

    Studeren met een functiebeperking

    Heb je een functiebeperking en heb je daarvoor aanpassingen of voorzieningen nodig, dan bieden we daarvoor verschillende mogelijkheden.

    Minors

    Met een minor maak je de studie persoonlijk en kun je je extra profileren op de arbeidsmarkt. Je verdiept je in je vakgebied of je verbreedt je kennis in de richting van je keuze. De onderstaande minors geven een beeld van het type minor dat je kunt verwachten.

    Deze minor bereidt voor op het werken met mensen die grensoverschrijdend gedrag vertonen. Probleemgedrag gaat vaak gepaard met sociale, emotionele en materiële problemen en kan een niveau bereiken waarop justitieel ingrijpen noodzakelijk wordt. De agogische bemoeienis in deze vorm noemen we 'werken in gedwongen kader'. Je krijgt daarbij te maken met mensen met bijvoorbeeld een verslaving, psychiatrische problemen of een verstandelijke beperking. Vaak zijn ze niet sociaal redzaam en hebben ze te maken met sociale uitsluiting. Effectieve hulpverlening is dan noodzakelijk. Deze minor richt zich op justitieel ingrijpen waarbij een positieve gedragsverandering wordt verwacht. Dit vergt een speciale aanpak: naast behandeling en begeleiding bij re-integratie in de maatschappij krijg je ook te maken met risicobeheersing. Je leert hoe je cliënten zo beïnvloedt dat de kans op herhaling kleiner wordt en er weer meer perspectief is op deelname aan de samenleving. Ook leer je de spanning tussen begeleiden/behandelen en toezicht houden/beheersen te hanteren, en daarmee tussen zorg en welzijn enerzijds en justitieel ingrijpen anderzijds. Dit vergt professionaliteit van de hulpverlener.

    Rotterdam heeft te maken met wisselende samenwerkingsverbanden, zoals projecten, organisaties en teams, waarbij veranderingsprocessen aan de orde zijn. De minor Begeleidingskunde leidt studenten op om als coach professionals te begeleiden in een grootstedelijke omgeving. Binnen de minor leer je kijken vanuit een onderzoeksgerichte en ontwikkelingsgerichte benadering. Hierbij wordt gebruik gemaakt van kennis uit diverse wetenschappelijke disciplines, zoals de sociale, de bedrijfs- en de geesteswetenschappen. De begeleidingskunde geeft daarmee een nieuwe dimensie aan de vele begeleidingsvormen en -methodieken die in de afgelopen decennia zijn ontstaan, zoals supervisie, counseling, mediation en loopbaanbegeleiding. Dankzij de minor Begeleidingskunde kun je straks aan de slag als aspirant-coach, beginnend loopbaanbegeleider of aspirant-counselor. Kortom, een boeiende richting waarmee je straks alle kanten op kunt.

    Heb je altijd al belangstelling gehad voor psychiatrie? Wil je niet alleen meer kennis vergaren over verschillende stoornissen, maar ook weten hoe je met psychiatrisch gedrag omgaat? Lijkt het je leuk om zowel met de individuele cliënt als met groepen te werken? Zoek je naar veel variëteit in je werk, zowel qua werkplek als qua doelgroep? Dan ben je bij de minor Agoog in de GGZ aan het juiste adres! De ggz-agoog ondersteunt de psychisch kwetsbare mens en helpt hem om zichzelf te helpen en de regie te nemen over het leven. Er zijn veel mensen en organisaties bij betrokken: lotgenoten, familie en vrienden, buren, maatschappelijke instellingen, algemene gezondheidszorg en specialistische geestelijke gezondheidszorg. In de minor komen uitsluitend de specifieke competenties uit het landelijke beroepscompetentieprofiel van de ggz-agoog aan bod.

    Per jaar komen in de regio Rotterdam 3.000 kinderen en jongeren terecht bij jeugdzorg. Hun problemen zijn zo ernstig dat hulp van buitenaf noodzakelijk is. Als professional in de jeugdzorg richt je je op het voorkomen of beperken van schade aan kinderen. Je werkt in complexe situaties waarbij de wensen en behoeften van jeugdigen niet altijd overeenkomen met die van de ouders. Daarbij spelen ook maatschappelijke belangen een rol, want de toekomst van de jeugd is de toekomst van de samenleving. Deze minor besteedt aandacht aan de vraag hoe je je staande kan houden binnen dit krachtenveld. Je leert je eigen professionele handelen ter discussie te stellen en je verdiept je in actuele vraagstukken van Rotterdamse jeugdzorgprofessionals. Daarvoor krijg je relevante kennis aangereikt. Alle leeractiviteiten zijn gekaderd vanuit het landelijke profiel van de jeugdzorgwerker en gericht op het bevorderen van de multidisciplinaire samenwerking in de jeugdzorgketen. De minor sluit hiermee aan op landelijke ontwikkelingen om jeugdzorg te professionaliseren.

    Volg je een opleiding waarbij je met kinderen en hun ouders te maken krijgt? Ben je geïnteresseerd in opvoeden en wil je ouders en professionele opvoeders graag helpen dit zo goed mogelijk te doen? Wil je leren hoe je preventieve steun bij opvoeding biedt en wil je een professional worden in gezinsbegeleidingsmethodieken? Dan is de minor Opvoedschakels iets voor jou! Deze minor richt zich op het leren voorkomen of verminderen van opvoedproblematiek binnen een keten van opvoedingsondersteuning. Je leert dus hoe je opvoeders kunt helpen opvoeden. Hierbij kan de ondersteuning in zwaarte variëren, van signalering, pedagogisch advies, een themabijeenkomst, een oudercursus en video-interactiebegeleiding tot competentiegericht werken in multiproblem gezinnen. De minor Opvoedschakels heeft aandacht voor opvoedingsondersteuning op een breed terrein en speelt in op de actuele Rotterdamse situatie.

    Geweld is overal, zichtbaar en onzichtbaar. Het komt voor op alle niveaus en in alle lagen van de bevolking. In Nederland en in het buitenland. Individueel en collectief. Tegen personen, tegen groepen, tegen landen, tegen instituten, tegen alles wat leeft. Geweld is niet weg te denken uit de samenleving. We hebben er ook allemaal een mening over en staan klaar om het direct te veroordelen. Denk maar aan de recente #MeToo discussie. Uit recent wetenschappelijk onderzoek naar de gewelddadigheid van de menselijke soort blijkt van alle zoogdieren de mens de meest gewelddadige soort. Waarom dan een minor over zo’n alledaags onderwerp? Omdat het juist de alledaagsheid is die ons blind maakt. We zijn onmachtig in onze pogingen het geweld te herkennen en te bestrijden. Was het maar waar dat de cijfers in de rapportages ook maar enigszins in de buurt kwamen van de prevalentie. Was het maar waar, dat als we het signaleren we dan ook weten hoe we er mee om moeten gaan. Was het maar waar dat wij iets meer zicht zouden hebben op hoe gewelddadig wij zelf zijn. Waarom is geweld soms zo allesoverheersend pijnlijk en tegelijk ook zo onzichtbaar? En wat moet je doen om te helen van geweldservaringen? Dat zijn vragen waar we in de minor geweld een antwoord op proberen te zoeken.

    Wat is er mooier dan je gewaardeerd voelen, je eigen weg weten te vinden en mee kunnen doen aan alle facetten die de omgeving van je vraagt? Helaas heeft niet iedereen de mogelijkheid om dit zelfstandig te kunnen. Want hoe doe je dat, volwaardig burger zijn en wil je dat eigenlijk wel? En wat is dat dan eigenlijk, meedoen? Is dat keurig voldoen aan je plichten, ook als je dingen niet (volledig) zelfstandig kunt? En welke plichten heb je dan eigenlijk? Of is het gebruik (kunnen) maken van alles dat je omgeving te bieden heeft? Je belastingformulier digitaal invullen, of je eigen kind opvoeden? Weten wat je rechten zijn en daar luidkeels voor opkomen? Burgerlijk ongehoorzaam zijn? Of je aanpassen aan de Nederlandse moraal? Deze minor gaat over mensen voor wie de huidige maatschappij te complex is en die ondersteuning nodig hebben om te kunnen participeren. Over uitsluiting en inclusie, over mee mogen, kunnen en willen doen, over onderdeel zijn van de samenleving. Je leert wat mensen nodig hebben om hun eigen rol zó in te vullen dat ze daar zelf tevreden over zijn. Met aandacht voor datgene wat mensen in de weg kan staan, de verstandelijke beperkingen.

    Kinderen, jongeren, ouders, nieuwkomers, vluchtelingen en oud Rotterdammers ontwikkelen zich het best in een buurt waarin iedereen zich welkom voelt en er toe doet. Een omgeving die plekken kent, waar mensen elkaar ontmoeten, het gesprek aan gaan, activiteiten willen organiseren, zich verantwoordelijk voelen voor elkaar en de buurt. Rotterdam Zuid kent een aantal oude stadswijken met een superdiverse samenstelling van bewoners en een eigen trots en dynamiek. Wijken waar uitdagingen liggen om samen met bewoners en professionals oplossingen te zoeken, om mensen uit soms kwetsbare posities (weer) mee te laten doen. Belangrijk uitgangspunt is dat er recht wordt gedaan aan de universele rechten van de mens; ieder mens heeft recht op een waardevol bestaan.

     

    Student van andere hogeschool?

    Ben je student bij een andere hogeschool en wil je een minor bij Hogeschool Rotterdam volgen? Bekijk je mogelijkheden op Kiesopmaat.nl. De minors van Hogeschool Rotterdam duren een half jaar (september - februari) en leveren 30 EC (studiepunten) op.

    Honoursprogramma

    Ben je gemotiveerd om uit te groeien tot excellente beroepsbeoefenaar, wil je meer energie in je studie steken en een plus op je CV zetten, dan biedt de opleiding Social Work een honoursprogramma voor je aan.

    Ontwikkeling en uitvoering van het honoursprogramma gebeurt onder toezicht van lectoren en onderzoekers in het kenniscentrum Talentontwikkeling. Je kunt aanhaken bij één van de onderzoekthema's. Als je het honoursprogramma succesvol hebt gevolgd en afsluit aan het einde van je vierde jaar, krijg je een honours degree bij je diploma en de aantekening 'excellente professional'.

    Bekijk meer informatie over het Honoursprogramma

    Internationale mogelijkheden

    Tijdens je studie kijk je niet alleen over de grenzen van je beroep, maar ook over de grenzen van je land. Denk bijvoorbeeld aan de universele rechten van de mens. Alle thema’s binnen de opleiding Social Work kun je lokaal, regionaal, nationaal en internationaal benaderen. Ook is het mogelijk om zelf naar het buitenland te gaan voor je stage of om een minor te volgen.

    Na je studie

    Wat kun je doen na de opleiding?

    Na je afstuderen

    Gefeliciteerd! Je hebt je Bachelor of Social Work (B SW) gehaald. Deze titel mag je achter je naam voeren. 

    Ook ontvang je bij je diploma een diplomasupplement met een DS-label. Met dit Engelstalige document kun je de waarde van je diploma eenvoudiger aantonen in het buitenland bij de toelating tot een vervolgstudie of bij het vinden van een baan.

    Heb je het Honoursprogramma gevolgd? Dan krijg je ook een honours degree, waarmee je je doorzettingsvermogen en extra kennis kunt aantonen.

    Beroepen

    Na het afstuderen ben je een breed opgeleide professional die binnen het sociale domein alle kanten op kan. Welk beroep je ook kiest, steeds werk je met mensen die het (even) niet meer alleen kunnen en die soms tijdelijk, soms langdurig, ondersteuning of hulp nodig hebben. Sommigen hebben opvoedingsvragen, anderen relatieproblemen, schulden- of huisvestingsproblemen, psychiatrische problemen, verslavingsproblemen. Meer dan we hier kunnen opnoemen. Als social worker probeer je samen met hen de situatie te verbeteren en netwerken te versterken. Bijvoorbeeld als gezinscoach in het wijkteam, als woonbegeleider met (verstandelijk) gehandicapten, als groepsleider in de (jeugd)detentie of als jongerenwerker.

    Bekijk de beroepsbeeldfilms

    Registratie GGZ-agoog

    Als je in jaar 3 en 4 het Profiel GGZ gevolgd hebt, kun je je registeren als GGZ-agoog bij het Registerplein

    In het beroepsregister worden alleen GGZ-agogen toegelaten die een anderhalf jaar durende afstudeerrichting GGZ-agoog hebben gevolgd die voldoet aan de landelijke eisen. De registratie is dus een kwaliteitskeurmerk voor de sociaal professional. Registratie als GGZ-agoog betekent dat je beschikt over de juiste competenties, goede kwalificaties en actuele kennis in de GGZ. Een pre voor werkgevers. 

     

    Doorstuderen

    Na het afronden van de opleiding kun je bijvoorbeeld verder studeren bij de Master Pedagogiek, de Master Management en Innovatie of de Master Begeleidingskunde van Hogeschool Rotterdam. Je moet hiervoor wel relevant werk hebben. 

    Huidige arbeidsmarkt

    Bron: landelijke cijfers HBO-Monitor 2017

    Locatie

    Waar ga je studeren?

    Niet op zoek naar deze opleiding?

    Kijk ook eens naar deze opties

    We gebruiken cookies om de website te verbeteren.