Menu
    English

    In de spotlight: lector Lotte Willemsen (Communication in the Networked Society)

    In deze interviewreeks zetten we steeds een andere collega in de spotlight: wat drijft hen, waar werken ze aan en hoe draagt hun werk bij aan een slimme en sociale stad?

    Deze keer: lector Lotte Willemsen (Communication in the Networked Society) - zij doet onderzoek op het grensvlak van technologie en communicatie. In dat spanningsveld staat één vraag centraal: wat betekent het om mens te zijn in een wereld waarin technologie een steeds grotere rol speelt? 

    • Wat was jouw persoonlijke drijfveer om met dit onderwerp aan de slag te gaan?

    Lange tijd droomde ik ervan om danseres te worden. Al op jonge leeftijd trainde ik intensief, met één doel voor ogen: toegelaten worden tot het Koninklijk Conservatorium.
    Dansen bracht me dicht bij mijn emoties. Ik voelde vrijheid. Ik voelde me mens. Maar toen ik eenmaal was toegelaten, raakte ik dat gevoel geleidelijk kwijt. Onze dagen waren lang, van 8.30 tot 17.30, en alles stond in het teken van perfectie: de perfecte pas, op het perfecte moment, in perfecte rijen. We werden gedrild. Honger, pijn en andere emoties kregen geen ruimte. Persoonlijke ervaringen, gevoelens en zelfs een eigen identiteit verdwenen naar de achtergrond. We werden behandeld als robots.
    Uiteindelijk werd ik door een blessure gedwongen te stoppen. Ik sloeg een andere weg in en ging Communicatiewetenschap studeren, waarin ik later promoveerde. Toch merkte ik dat mijn dansverleden me is blijven vormen. Want sindsdien ben ik gefascineerd door de vraag wat het betekent om mens te zijn.

    • Kun je in eigen woorden vertellen waar jouw lectoraat zich op richt?

    Het lectoraat doet onderzoek op het grensvlak van technologie en communicatie. In dat spanningsveld staat één vraag centraal: wat betekent het om mens te zijn in een wereld waarin technologie een steeds grotere rol speelt? Hoewel we rationeel onderscheid maken tussen mensen en technologie, laten we in de praktijk zien hoe flexibel dat onderscheid is; we kunnen technologie menselijke eigenschappen toeschrijven. We worden boos op onze computers als die niet doet wat we willen, en vertrouwen ons diepste gedachten toe aan chatGPT. Maar het is ook dankzij technologie dat we mensen kunnen reduceren tot een nummer of een radartje in een systeem.

    Ons onderzoek richt zich op dit volledige spectrum: hoe we technologie en organisaties vermenselijken en mensen juist ontmenselijken. Juist omdat deze processen voortkomen uit hoe wij betekenis geven aan menselijkheid, vraagt dit niet alleen om inzicht in technologie, maar vooral om inzicht in menselijk gedrag en beleving. Daarom onderzoeken we hoe mensen zich verhouden tot technologie: van de invloed van smartphones en sociale media op ons welzijn, tot de vraag of en hoe we relaties kunnen aangaan met zogeheten 'digital humans’, en welke kennis en vaardigheden nodig zijn om AI op een manier in te zetten die niet alleen slim en strategisch is, maar ook menselijk en ethisch.

    Gezamenlijk voeden ze één missie die bij ons centraal staat: de menselijke wereld digitaal vaardiger maken en de digitale wereld menswaardiger.

    • Waarom vind je het belangrijk dat er juist nu aandacht is voor dit thema?

    Door de komst van AI wordt de behoefte aan menselijke communicatie sterker gevoeld. Naarmate communicatie verder automatiseert, komt de menselijkheid onder druk te staan. Tegelijkertijd zorgen ook maatschappelijke ontwikkelingen ervoor dat onderling begrip en verbinding niet vanzelfsprekend zijn. Mensen voelen meer afstand tot elkaar, verharding. In een verdeelde samenleving met een gedeelde toekomst is meer menselijkheid geen trend, maar een noodzakelijke transitie.

    • Welke projecten of onderzoeken staan op dit moment centraal in jouw werk?

    Op dit moment ben ik vooral trots op twee nieuwe projecten rondom digital humans: een nieuwe generatie chatbots die niet alleen menselijk communiceren, maar er ook zo uitzien. Zo gaat Iris Withuis promoveren met een NWO Lerarenbeurs op de kansen en keerzijden van deze technologie. Daarnaast starten we een groot consortium met creatieve bureaus, waarin we onderzoeken welke waarde digital humans opleveren, maar ook welke waarden daarbij onder druk komen te staan.
    Daarnaast lopen er binnen het lectoraat zoveel mooie projecten dat het moeilijk is om te kiezen. Verschillende docent-onderzoekers werken elk vanuit hun eigen expertise aan uiteenlopende vraagstukken: van hoe we ons verhouden tot smartphones en wat dat betekent voor ons welzijn (Ellen Groenestein), tot hoe merken zich positioneren als activisten en op sociale media aandacht vragen voor maatschappelijke uitdagingen op het gebied van klimaat en diversiteit (Nelleke de Boer), en van vraagstukken rond AI en ethiek (Thijs) tot onderzoek naar prosociaal gedrag in immersieve omgevingen (Komala Mazerant).
    Wat ik daar zo leuk aan vind, is dat al deze projecten vanuit verschillende invalshoeken raken aan dezelfde kernvraag: wat betekent het om menselijk te zijn in een digitale wereld? Juist die combinatie van perspectieven, van heel toegepast tot meer fundamenteel, maakt dat we niet alleen beter begrijpen wat technologie doet, maar ook wat wij als mensen nodig hebben om daarin goed te functioneren.

    • Als je één belangrijke boodschap zou willen meegeven aan studenten, professionals of partners, welke zou dat zijn?

    "De kracht van de mensheid zit niet in het mens-zijn, maar in het menselijk zijn" - het is een quote van Gandhi die ik vaak en graag deel met studenten, professionals en partners.

    • Welke ambities of dromen heb je nog voor de toekomst van je lectoraat en het werkveld?

    Mijn ambitie is dat menselijkheid geen bijzaak blijft in technologische ontwikkelingen, maar een vanzelfsprekend vertrekpunt wordt. Dat we technologie niet alleen beoordelen op wat het kan, maar vooral op wat het doet met mensen en relaties.

    Voor het lectoraat betekent dit dat we onze rol verder willen versterken als brug tussen onderzoek en praktijk: samen met partners werken aan concrete toepassingen, terwijl we tegelijkertijd kritisch blijven reflecteren op de maatschappelijke impact. En natuurlijk blijven bijdragen aan een nieuwe generatie professionals die niet alleen digitaal vaardig vaardig, maar ook menswaardig is. 

    Inloggen