Ga direct naar de content

Ontmoeting 31

Ron Bormans krijgt deze week het bestuur van accreditatieorganisatie NVAO op bezoek, genietend van het Rotterdamse hbo. Ook een ontmoeting met sponsor 'De Verre Bergen' staat op het programma en een conferentie van de Sociaal Wetenschappelijke Raad. Ondertussen is er nog tijd om les te geven bij Human Resources Management.

Woensdag 7 mei: toezichthouder op bezoek

Het bestuur van de Nederlands-Vlaamse Accreditatieorganisatie (NVAO) komt bij ons op bezoek. Locatie: RDM. Thema: wat betekent kwaliteit voor de hogeschool en hoe beleven wij de visitaties zoals de NVAO die organiseert? We vertellen het eerlijke verhaal. De accreditatie geeft een impuls aan onze kwaliteit, helpt de scherpte op kwaliteit levend te houden, maar is ook belastend vanwege de grote hoeveelheden papier en digitale bestanden die over en weer gaan. We geven inzicht in de weg die je moet gaan als je een opleiding naar een hoger niveau wilt en moet brengen en doen ons best het hbo in al zijn facetten te tonen. We bespreken een opleiding die recent drie keer 'goed' heeft gekregen, een opleiding in een hersteltraject en laten in dat prachtige decor van RDM projecten van onze kenniscentra en Centres of Expertise zien.

We moeten ook duidelijk maken dat we bij de hogeschool onze eigen normen hanteren, op zijn Rotterdams, de '5 ankerpunten': 

  • We willen dat studenten tevreden zijn (Nationale Studenten Enquête (NSE))
  • We willen dat docenten tevreden zijn (Medewerkerstevredenheidsonderzoek (MTO))
  • We willen voldoende studenten op niveau naar de eindstreep begeleiden (studiesucces)
  • We willen dat het afnemende veld tevreden is (HBO-monitor)
  • We willen dat de deskundigen ons waarderen (NVAO)

Het is de afgelopen jaren moeilijker geworden de accreditatie te verwerven. Met name de derde standaard 'niveau van het onderwijs' blijkt zo nu en dan een struikelcriterium te zijn, hoger onderwijs-breed. Standaard zorgpunt waar het hbo-opleidingen betreft: te weinig onderzoek in de scriptie, te weinig blijk gevend van een onderzoekende houding. We delen onze zorg namelijk dat dat niet mag leiden tot ' snel onderzoek tegen het onderwijs aan plakken'; een enquête hier, interview daar en klaar zijn we. Nee, de weg naar het doordrenken van onderwijs met onderzoek moet een zorgvuldige zijn en soms ontbreekt die tijd.

Bij twijfel over standaard 3 heb je vaak niet meer dan een jaar om te repareren, terwijl je meer tijd zou willen hebben die vormen van onderzoek in het onderwijs te introduceren die passen bij de uitoefening van het beroep, met de daarbij behorend variëteit: evidence-based werken bij verpleegkunde, ontwerpen bij Industrieel Product Ontwerpen, onderzoek in het lab bij chemie. De NVAO toont begrip en wil er graag over doorspreken. Na afloop laat de delegatie bij monde van de voorzitter weten erg genoten te hebben van het hbo dat we in Rotterdam kunnen laten zien. 

Maandag 12 mei: dineren met onze sponsor

De hogeschool ontwikkelt een tweetal zogeheten Centres of Expertise. De een met een focus op de haven, de andere met een focus op de grootstedelijke problematiek in Rotterdam, met als symbool 'Zuid'. In een centre of expertise brengen we onderwijs, onderzoek en maatschappelijke partners bijeen om daarmee op een hoog niveau, in een 'zone' van innovatie, onderwijs en onderzoek voor en door studenten te laten verrichten.

Voor ons CoE Haven krijgen we flink wat subsidie van de overheid. De thema's passen perfect in het topsectorenbeleid en de verwachting dat dit centre studenten oplevert die straks eigenstandig een innovatieve  bijdrage gaan leveren aan onze welvaart is -gerechtvaardigd - groot. Voor studenten die een bijdrage gaan leveren aan het welzijn van de samenleving, aan de cohesie in die samenleving, is dat publieke geld er niet. Heeft ook wel weer een voordeel: dwingt je om inventief te zijn.

We eten vanavond met de mensen van de Stichting De Verre Bergen. We toosten vanuit een wederzijdse trots dat we tot samenwerking zijn gekomen rondom een groot mentoringproject dat we in het kader van het CoE Zuid opgetuigd hebben. Het fonds van Stichting De Verre Bergen bestaat uit privaat geld van een Rotterdamse ondernemersfamilie die iets wilt doen voor de stad en haar bewoners, zoals op de site te lezen staat. En: "Wij willen rendement zien op onze investering. Geen financieel, maar sociaal rendement (social return/maatschappelijke meerwaarde). Dat betekent dat wij van tevoren de beoogde resultaten zwart op wit zetten en onderzoeken of het project erin slaagt die te verwezenlijken en zo ja in welke mate."

Aan deze mooie avond aan de oever van de Maas gingen dan ook maanden vooraf waarin we gedwongen werden zo precies mogelijk aan te geven wat we dachten te bereiken met onze mentoringactviteiten, wat het beoogde effect was van het inzetten van grote studenten op Zuid in de begeleiding van kwetsbare kinderen; maanden die nodig waren om de publieke wereld van het hoger onderwijs naar de private wereld van de investeerder  toe te laten groeien. Uniek hoe deze stichting anders aankijkt tegen het sponsoren. Niet achteraf turven of je gedaan hebt wat je zei te gaan doen, maar of je het effect bereikt hebt, wat je beloofd hebt. Het dwingt ons 'evidence based' te werken. Meer 'op zijn hbo's' kan eigenlijk niet.

Mooi om te zien dat onze mensen uit de sociale / pedagogische hoek dat voor elkaar hebben gekregen. 

Donderdag 15 mei: lesgeven in verandermanagement

Human Resources Management, klas 202, les veranderkunde en sociaal plan.  Collega William Polm heeft me uitgenodigd in zijn les. Hij stelt voor dat ik een actieve rol heb en de studenten uitleg hoe ze een sociaal plan moeten maken, in het kader van de leergang Veranderkunde. De dag ervoor krijg ik een imposant pak papier mee naar huis, met daarin de beschrijving van de te behandelen casus ('La Piazza, 100% vers, natuurlijk en lekker', maar helaas wel met een winst- en omzetprobleem, waardoor gereorganiseerd moet worden). Ik schuif steeds bij groepjes studenten aan.

Van tevoren deel ik met de docent (jong, goedgekleed, gemakkelijk in de omgang met studenten, met respect bejegend) dat het me best lastig lijkt voor mensen van die leeftijd om echt te doorgronden wat veranderkunde is.  Hij beaamt dat maar ten dele en geeft me de tip te proberen het door middel van het stellen van vragen zo dicht mogelijk naar de studenten toe te brengen, hun eigen belevingswereld, hun eigen referenties. Om me wat op mijn gemak te stellen voegt hij er aan toe dat "dit een goede klas is".  Het wordt een mooie ochtend. Ik geniet van de ontwapenende leergierigheid van die jonge mensen, hun vermogen het wel te doorgronden en het plezier dat je kunt beleven als het kwartje valt. Ik denk dat het goed is dat ik dit ook een keer doe in een 'moeilijke' klas....

Op  weg naar buiten krijg ik van alle studenten een briefje in de handen gedrukt, met daarop hun evaluatie van mijn functioneren als nieuwbakken docent. Thuis gekomen kan ik het niet laten met een soort kinderlijk ongeduld de papiertjes door te nemen. Ik mag blijven! Het mooiste compliment? Deze: "Laat studenten zelf tot inzicht komen." Grootste kritiek? Deze: "Casus van tevoren beter bestuderen." En dat bij een man die altijd opschept dat hij zijn stukken zo goed leest..... 

Zaterdag 17 mei: hoe verdienen we over 20 jaar ons geld?

Er is een mooi rapport verschenen van de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR), 'Naar een lerende economie'; verplichte stof voor iedereen die nadenkt over de vraag hoe we over 20 jaar ons geld verdienen. Los van het feit dat het rapport op indringende manier nog eens duidelijk maakt dat mondiale verhoudingen zo dramatisch aan het veranderen zijn dat doorgaan op de bestaande voet geen optie is, is het de 375 pagina's lezen waard, omdat het een paar begrippen introduceert die met name voor het hoger onderwijs interessant zijn.

De WRR bepleit dat in Nederland een grotere responsiviteit noodzakelijk is bij het onderhouden c.q. organiseren van ons verdienvermogen, waaronder begrepen het vermogen tot adaptatie (kan het systeem zich soepel aanpassen aan andere omstandigheden) en het bevorderen van een proactieve houding (leren we van fouten, anticiperen we op toekomstige problemen en zoeken we de toekomstige kansen op). Centraal in haar aanbeveling bepleit de WRR kenniscirculatie, wat veel meer is dan at te vaak gebeurt het produceren van nieuwe kennis en dan maar hopen dat die vermarkt wordt op enig moment. Het gaat veeleer om het toepassen van kennis, het recyclen ervan, het circuleren van kennis. Die kernboodschap zou diep in Den Haag moeten doordringen. Veel van ons denken over valorisatie is gebaseerd op dit zogeheten lineaire model van valorisatie. Werkt soms ook, maar als we ons als Nederland daar exclusief op baseren, missen we de boot.

Maar ook de WRR mist een afslag, zo betoog ik op deze zaterdagochtend tijdens een conferentie van de Sociaal Wetenschappelijke Raad. Met een wat prikkelende insteek betoog ik dat we er last van hebben dat in het Nederlandse 'kennisestablishment' en het Nederlandse 'adviesestablishment' te exclusief mensen zitting hebben met een academische achtergrond. En dus kijken al die organen te snel en te eenzijdig naar de universiteiten om tot een oplossing te komen. Het concept van de 'netwerkuniversiteit' is geboren, terwijl om de hoek van die universiteiten instellingen voor hoger onderwijs staan, die heel indringend vernetwerkt zijn met de samenleving. Die door dat netwerken kennis laten circuleren, dat proces willen optimaliseren door Centres of Expertise te bouwen, relaties aan te gaan met de wereld van de wetenschap en ook zelf onderzoek te gaan doen. Die instellingen heten hogescholen. Helemaal onbevoordeeld ben ik niet, maar ik zou daar mijn kaarten op zetten, ik zou representanten uit die wereld meer aan de tafel uitnodigen.

Gauw naar huis. Mijn vrouw is jarig. 's Avonds naar Rotterdam, opening van de Operadagen.  Mooie avond om met de boot van het Nieuwe Luxor naar RDM te varen. Daar zien we in die imposante onderzeeboodloods een moderne opera. We missen de essentie van de voorstelling. Het staande applaus slaan we wat verbaasd gaande. Toch een mooie avond. 

Over de auteur

Ron Bormans - Voorzitter College van Bestuur

Ron Bormans (1957, te Schinnen, Zuid-Limburg) mag zich verheugen in een lange periode van ontmoetingen in en met het hoger (beroeps)onderwijs. Tijdens zijn studies: Natuurkunde (propedeuse) in Eindhoven en Politicologie / Bestuurskunde in Nijmegen. Maar ook in zijn loopbaan. Hij werkte o.a. als plv. directeur HBO en directeur Studiefinanciering bij OCW. Daarnaast was hij consultant bij Capgemini. Op dit moment geeft hij leiding aan Hogeschool Rotterdam als bestuursvoorzitter, een functie die hij eerder bekleedde bij de HAN. Maar hij deed ook de HvA en Inholland aan en hield toezicht op onderwijsprogramma's als directeur NQA.

Elke twee weken is de nieuwe blog-post ook te volgen op Twitter via @ronbormans1.

We gebruiken cookies om de website te verbeteren.