Ga direct naar de content

Evaluatie pilot keten PsychoGeriatrie

Monitoring- en evaluatieonderzoek regio Rotterdam
Publicatiedatum: 01 januari 2011

Kenniscentrum Zorginnovatie de pilot ondersteund met een monitoring- en evaluatieonderzoek zodat de betrokken ketenpartners indien nodig tussentijds de werkwijze konden verbeteren en bijstellen (plan-do-study-act cyclus).

Toon:
  • De resultaten van de monitor laten zien dat de populatie een kwetsbare groep ouderen betreft. De leeftijd (gemiddeld 83 jaar variërend van 69-94 bij opname) is hoog en de beperkingen voor en tijdens opname zijn groot.
  • Het aantal patiënten dat instroomt in het pad is kleiner dan het verwachtte aantal van 80 per jaar. Er zijn 62 patiënten in 1 jaar ingestroomd waarvan 1/3 met GGZ-diagnose en daarmee niet behorende tot de beoogde doelgroep. Bij de patiënten is voornamelijk sprake van geheugenstoornissen, weinig delier en depressie en de groep allochtone ouderen lijkt onder vertegenwoordigd.
  • Zowel uit de monitoring, de casestudies en het dossieronderzoek blijkt dat een diagnose binnen 6 tot 3 maanden wordt gesteld maar dat de doorstoom vanuit de observatieplek naar een vervolgvoorziening of thuis vaak stagneert.
  • Bij familie en patiënten is er weinig bekendheid met het zorgpad. Dit blijkt zowel uit de interviews met zorgverleners als de casestudies waarbij patiënten en mantelzorgers zijn geïnterviewd. Over het algemeen is de patiënt tevreden over de geleverde zorg. Soms is het voor patiënt en omgeving onduidelijk dat het gaat om een tijdelijke opname.
  • Alvorens de pilot uit te breiden in de regio zou de werkgroep zich verder moeten bezinnen op de doelgroep en doelstelling van de pilot. Op de werkvloer, zowel binnen het ziekenhuis als in de V&V instellingen is nog veel onbekendheid met de doelstelling van de pilot en de taken/verloop binnen de keten. Er is behoefte aan meer duidelijkheid en commitment aan het zorgpad binnen en tussen de organisaties. Er zijn ook knelpunten benoemd bij de in- en uitstroom van de keten die verder uitwerking behoeven alvorens andere instellingen in de regio bij de pilot te betrekken.
  • De pilot heeft laten zien dat dataverzameling binnen de keten moeizaam verloopt. Hiervoor zijn meerdere oorzaken aan te wijzen. Gegevens over een patiënt worden niet centraal verzameld (zijn niet patiëntvolgend), dossiers zijn vaak niet compleet waardoor juiste gegevens met betrekking tot een case moeilijk zijn te achterhalen en er zijn veel personen (in wisselende samenstelling) bij de zorg en keten betrokken.
  • De uiteindelijk beperkte omvang van de pilotgroep maakt dat de gevonden gegevens met voorzichtigheid dienen te worden geïnterpreteerd. De resultaten geven vooral aanknopingspunten voor verdere ontwikkeling van de keten. 

We gebruiken cookies om de website te verbeteren.