Over het project
Veel patiënten waarbij de bestaande richtlijnen niet toereikend blijken, worden uiteindelijk verwezen naar het B12 Institute. Zij vormen een interessante groep om te onderzoeken, omdat hun traject laat zien waar diagnostiek en behandeling in de huisartsenpraktijk nog niet optimaal werken. De Hogeschool Rotterdam voerde daarom een onafhankelijk onderzoek uit in samenwerking met het B12 Institute en met advisering van het Erasmus MC. Gepseudonimiseerde medische gegevens werden gecombineerd met vooraf ingevulde vragenlijsten van ongeveer duizend patiënten, om verschillende patiëntengroepen beter te herkennen en te onderzoeken hoe diagnostiek en behandeling kunnen worden verbeterd. Door deze gegevens systematisch te analyseren is meer inzicht ontstaan in de kenmerken van subgroepen met B12‑deficiëntie en in de tekortkomingen van de huidige praktijk.
Hoewel de volledige data-analyse nog loopt, tonen de analyses kennishiaten bij sommige verwijzers uit eerste- en tweedelijnszorg, deels door de complexiteit van diagnostiek en behandeling. Daarnaast zijn duidelijke kenmerken zichtbaar van subgroepen waarvoor de huidige richtlijnen niet goed lijken te werken. Er zijn aanwijzingen dat een gepersonaliseerde benadering met subgroep-specifieke richtlijnen verbetering biedt. Als concrete resultaten binnen dit onderzoek worden deze inzichten gedeeld via publicaties om kennislacunes te verkleinen en nieuwe kennis over subgroepen te verspreiden. Ook vormen ze hypotheses voor prospectief vervolgonderzoek. Daarnaast is de pre-intakevragenlijst met gestructureerde vragen sterk verbeterd, voor toekomstig aanvullend retrospectief onderzoek. De onderzoeksresultaten tonen aan dat de diagnostiek en behandeling van specifieke subgroepen met vitamine B12-tekort in de praktijk verdere optimalisatie behoeft.
Experts, docenten en studenten van de opleidingen Biologie en Medisch Laboratoriumonderzoek (BML) en Chemie van de Hogeschool Rotterdam voerden het onderzoek gezamenlijk uit. Studenten werkten aan dataverwerking en (big)data-analyse onder begeleiding van docenten, wat leidde tot beroepsauthentiek onderwijs en professionalisering van docenten.
De analyses hebben concrete inzichten opgeleverd in kenmerken van subgroepen waarvoor de huidige richtlijnen tekortschieten. Deze kennis vormt de basis voor prospectief vervolgonderzoek en wordt gedeeld via publicaties, wat leidt tot een betere kennisbasis bij verwijzers, waardoor zij beter in staat zijn patiënten met een mogelijke B12-deficiëntie te diagnosticeren en te behandelen.
Concrete resultaten zijn verder de aanpassing van de intakevragenlijst door het B12 Institute, op basis van het advies van onderzoekers van Hogeschool Rotterdam, zodat het klachtenbeeld en de klinische context beter in kaart gebracht kunnen worden. Hierdoor kunnen triage en diagnostiek adequater verlopen. Daarnaast maakt de verbeterde, meer gestructureerde vragenlijst efficiëntere digitale verwerking van gegevens mogelijk. Dit draagt bij aan overzichtelijker gegevensbeheer in de klinische praktijk. Ook vergroot dit de waarde van de data voor vervolgonderzoek.
Voor dit project is samengewerkt met het B12 Institute (Rotterdam) en de afdeling Klinische Chemie (Erasmus MC). Hogeschool Rotterdam heeft een grote rol gehad in de praktische uitvoering van het onderzoek, gebruikmakend van gepseudonimiseerde patiëntdata en ingevulde vragenlijsten die het B12 Institute beschikbaar stelde. Erasmus MC vervulde een adviserende en inhoudelijk reflecterende rol. Binnen Hogeschool Rotterdam waren de opleidingen Biologie en Medisch Laboratoriumonderzoek (BML) en Chemie betrokken bij data-analyse en uitvoering.
Projectfeiten
|
Looptijd |
KIEM subsidie van NWO, regieorgaan SIA |
Lectoraat |