Menu English

Leraar Gezondheidszorg en Welzijn deeltijd

  • Duur en startmoment

    4 jaar, september

  • Opleidingstype

    Deeltijd Bachelor

  • Taal

    Nederlands

Vind je het leuk om les te geven op het gebied van zorg en welzijn en daarnaast jonge professionals te begeleiden bij hun leerproces? Dan is deze opleiding iets voor jou!

De bacheloropleiding tot Leraar Gezondheidszorg en Welzijn bereidt je voor op het lesgeven in het  beroepsonderwijs (vmbo en mbo). Je leert jongeren bewust om te gaan met gezondheid en welzijn, zowel van henzelf als van anderen. Je leert hoe je kennis kunt overbrengen door jongeren te coachen en te begeleiden bij hun leerproces. Hierbij staat het verwerven van pedagogische en didactische vaardigheden centraal. Om het beroep van leraar goed te leren, ga je al vroeg in de opleiding stagelopen of werken in de praktijk. Je ervaart dan direct hoe het is om als leraar aan het werk te zijn. Je wordt opgeleid tot leraar in een divers vakgebied. Zo kun je aan de slag als tweedegraads leraar in het voortgezet onderwijs, en het beroeps- en volwassenenonderwijs. Afhankelijk van je vooropleiding kun je werken als leraar verpleegkunde, leraar bij een kappersopleiding of leraar bij een welzijnsopleiding binnen het mbo. Ook een functie als opleidingshoofd of praktijkbegeleider binnen een zorg- of welzijnsinstelling behoort tot de mogelijkheden.

Opbouw

Hoe is de opleiding opgebouwd?

Onderwijsvisie

Bij de opleidingen van Hogeschool Rotterdam voelt iedereen zich welkom en hoort iedereen erbij. Studenten en docenten kennen elkaar en weten elkaar te vinden. De docenten doen er alles aan om je te begeleiden bij je studie op een manier die bij jou past. Dit vraagt van jou betrokkenheid en een actieve inzet. Samen maken we het onderwijs.

Kenmerkend voor het onderwijs van Hogeschool Rotterdam is de aandacht voor:

  • De kennisbasis van het beroep
  • Handelen in de beroepspraktijk
  • Je eigen professionele identiteit

Al deze elementen komen steeds aan bod tijdens de opleiding. Studenten (en medewerkers) hebben invloed op de manier waarop dit gebeurt in medezeggenschapsraden

Bij de start van je studie ligt de nadruk op het ontwikkelen van kennis en vaardigheden, maar direct komt ook de praktijk aan bod. Je leert reële beroepsvraagstukken aan te pakken, in samenwerking met medestudenten, docenten, professionals uit de praktijk en praktijkgerichte onderzoekers. Eerst krijg je veel begeleiding van je docent, later neem je steeds meer het heft in eigen handen. Tijdens je studie leer je jezelf steeds beter kennen en ontdek je wat jouw unieke kwaliteiten zijn als beroepsbeoefenaar.

Het eerste jaar

Tijdens de propedeuse krijg je een beeld van het beroep van leraar en de bekwaamheden die hiervoor nodig zijn.  In de pedagogische-didactisch leerlijn komen cursussen aan de orde die zijn gericht op het voorbereiden, uitvoeren en evalueren van lessen en op het leren van leerlingen en studenten en het leren inzetten van onderzoekend vermogen in de beroepspraktijk om je handelen als docent te verrijken. 

Je krijgt inzicht in de inhoud van de opleiding en het vak Gezondheidszorg en Welzijn. Het gaat dan bijvoorbeeld om gezondheid en ziekte, voeding, doelgroepen en organisatie van de gezondheidszorg. In de praktijk, tijdens je stage/werk leer je onder begeleiding van een ervaren docent hoe je lessen verzorgt en hoe je leerlingen tijdens de les kunt begeleiden en coachen.

Na het eerste jaar

In de hoofdfase ligt de nadruk op verdieping en verdere ontwikkeling van je bekwaamheden als leraar, die je inzichtelijk maakt in een portfolio. De inhoud van de cursussen die aan de orde komen, is zeer divers. Zo leer je hoe je leerlingen die extra zorg nodig hebben, kunt begeleiden, wordt je (digitale) didactisch repertoire uitgebreid een komt het ontwikkelen van toetsen en kwaliteitszorg aan bod. In het eerste semester van het vierde jaar kies je een minor. Een minor kan gericht zijn op verdieping in een bepaald onderwerp van het onderwijs of is verbredend.

Afstuderen

Het laatste semester van de opleiding bestaat uit een afstudeerprogramma. Je werkt in de afstudeerfase toe naar het afstudeerassessment waarin je aantoont dat je startbekwaam bent als leraar beroepsonderwijs Gezondheidszorg en welzijn. Hiervoor verzamel je tijdens de afstudeerstage diverse bewijzen. Daarnaast maak je een afstudeeropdracht. We dagen je uit om, afhankelijk van jouw interesse, affiniteit en/of ontwikkelkansen, je afstudeerprogramma in te richten en hierbij eigen regie te voeren en initiatief te nemen.

Werk en studie

Je hoeft bij aanvang van de studie geen baan* in het onderwijs te hebben, een stage behoort ook tot de mogelijkheden. De stageperiode in het eerste jaar start uiterlijk vanaf kwartaal 2 tot en met kwartaal 4 (minimaal 8 uur per week). De helft daarvan is tijd die je doorbrengt in een stageschool. Je verzorgt dan lessen en bent betrokken bij andere activiteiten van leerlingen. Ook heb je gesprekken met je stagebegeleider over de lessen en je eigen ontwikkelproces. De andere helft heb je nodig voor werkzaamheden en leeractiviteiten die direct verband houden met de stage, zoals de voorbereidingen van je lessen, nazorg en opdrachten. Vanaf het tweede studiejaar loop je 16 uur stage en ben je bezig met de voorbereidingen en uitvoer van je lessen, nazorg en opdrachten. Naast het uitvoeren van lessen word je dan ook steeds meer betrokken bij het coachen en begeleiden van leerlingen en het ontwikkelen van onderwijs. Tijdens de afstudeerperiode in de tweede helft van het vierde studiejaar omvat de stage 9 studiepunten waarin je aantoont dat je de competenties van de leraar beheerst op afstudeerniveau.

*Heb je bij aanvang van de studie een baan in het onderwijs? Dan houd je dat aantal FTE (minimaal 0.4 FTE) aan. Je loopt dan geen stage, maar gebruikt je werkplek als stageplek.

Keuze en begeleiding

Keuze

Tijdens je opleiding kun je kiezen uit zo'n driehonderd keuzevakken. Dit biedt je de kans om over de grenzen van je eigen opleiding heen te kijken en om invulling te geven aan je specifieke leerbehoeften. De keuzevakken zijn geen onderdeel van ons curriculum, maar mag je op eigen initiatief wel volgen. Via een minor in de laatste fase van je studie kun je bij de meeste deeltijdopleidingen kiezen voor een bepaald profiel waarmee je jezelf kunt onderscheiden. Ook de afstudeeropdracht die je kiest, geeft een persoonlijke inkleuring aan je opleiding.

Begeleiding

Iedere student is uniek en heeft zijn eigen ideeën over wat hij in zijn studie wil bereiken. In onze begeleiding maken we je bewust van je capaciteiten, kansen en uitdagingen. Soms blijkt tijdens of al vóór de opleiding dat je moeite hebt met een bepaald vak. Dan is het nuttig je kennis hiervan bij te spijkeren. Als student krijg je ook een coach (docent) die je begeleidt en de studievoortgang in de gaten houdt.

Minors

In de laatste fase van je opleiding verdiep je je door middel van een minor in je vakgebied of verbreed je je kennis in een door jou gewenste richting. De onderstaande minors geven een beeld van het type minor dat je kunt verwachten.

Minor Werken in het beroepsonderwijs

De minor Werken in het Beroepsonderwijs (incl. VMBO) biedt studenten van de tweedegraads lerarenopleidingen de mogelijkheid tot een zeer aantrekkelijke specialisatie. De minor is bij uitstek geschikt voor studenten die willen kiezen voor het uitstroomprofiel Beroepspraktijkvorming waarmee zij zich voorbereiden op een functie in het (voorbereidend) beroepsonderwijs. Binnen deze minor leren de deelnemers de lesinhoud uit de schoolvakken te integreren met de inhoud van het toekomstig beroep van leerlingen. Daarnaast wordt veel aandacht besteed aan het kiezen en ontwikkelen van de specifieke didactiek voor dit schooltype en aan de eisen die dat stelt aan leraren.

Minor Digitale didactiek

De minor ‘digitale didactiek en nieuwe media’ biedt studenten van de lerarenopleidingen en de pabo de mogelijkheid tot een specialisatie gericht op het onderwijs van de 21e eeuw. Je leert hoe je digitale tools kunt ontwikkelen voor je lessen en hoe sociale media als Twitter, Facebook en Youtube het leren kunnen bevorderen. Ook leer je hoe je een digitale leeromgeving kunt implementeren binnen je organisatie.

Minor Passend onderwijs en leerlingenzorg

Deze minor maakt van jou een vakkundig docent die vanuit een onderzoekende houding problemen die in het werken met jongeren in schoolsituaties in het vo en mbo ontstaan signaleert, er systematisch naar kijkt en er planmatig naar handelt. Daarnaast krijg je zicht op het zoeken naar middelen en richtingen om geschikte begeleiding voor de zorgleerlingen op te zetten en uit te voeren. In deze minor staat de zorg aan leerlingen centraal.

Vakken

Een indicatie van de vakken die je kunt verwachten

Onderwijsvorm

Hoe is het onderwijs ingericht?
1 dag les per week
20 uren zelfstudie per week
Legenda
Praktijk
Keuzeruimte
Theorie
Begeleiding

Na je studie

Wat kun je doen na de opleiding?

Na je afstuderen

Gefeliciteerd! Je hebt je Bachelor of Education (B Ed) gehaald. Deze titel mag je achter je naam voeren. 

Bij je diploma ontvang je een diplomasupplement met een DS-label. Met dit Engelstalige document kun je de waarde van je diploma eenvoudiger aantonen in het buitenland bij de toelating tot een vervolgstudie of bij het vinden van een baan.

Beroepen

Na het afronden van de opleiding kun je werken als leraar in het voortgezet onderwijs of het beroeps- en volwassenenonderwijs, maar ook als praktijkopleider of opleidingsadviseur in gezondheidszorginstellingen.

Locatie

Waar ga je studeren?

Niet op zoek naar deze opleiding?

Kijk ook eens naar deze opties
🍪

Welkom!
Wij maken gebruik van functionele en analytische cookies voor de werking van de website en het verbeteren van jouw gebruikerservaring. Wil je meer weten? Lees dan ook ons cookiebeleid.

Instellen