Menu Zoeken English

Eric heeft het syndroom van down

Een kritische beroepssituatie van een social worker

Erik heeft het syndroom van down en loopt tegen allerlei problemen aan. Hoe zou je voor Erik zijn kansen in de samenleving kunnen vergroten?

De situatie van Eric

Erik heeft het syndroom van Down, is 40 jaar en woont nog bij zijn moeder. De zorg en aandacht voor Erik wordt moeder (79 jaar) nu echt te zwaar. Erik zal moeten verhuizen naar een passende woonvoorziening. Hij weet dit. Hij kijkt ernaar uit (net als zijn broers een eigen huis) maar hij vindt het ook eng.

Erik werkt bij een bakkerij van de Pameijer Stichting op Rotterdam-Zuid. Dit vindt hij fantastisch en hij wil zijn baan echt niet kwijtraken. Mocht hij verder van de bakkerij komen te wonen, dan wil hij leren hoe hij met het openbaar vervoer kan reizen.

Wat Erik niet weet, maar waar zijn moeder zich wel zorgen over maakt, is wat er gaat gebeuren met de erfenis van 30.000 euro die Erik van papa erfde. Mag hij die wel houden? En wie let daarop?
Erik zou het liefst samenwonen met zijn vriendin Lise (28 jaar en syndroom van Down). Erik houdt erg van knuffelen (en wel meer dan dat) en zou het liefst een baby met Lise krijgen. Dit laatste is zijn moeders grootste zorg; zij praat veel met Erik over sterilisatie.

Jouw rol als social worker

Omdat het als sociaal werker belangrijk is om je breed te informeren is het ook handig dat je in gesprek gaat met de moeder van Erik. Dan moet je ook aan Erik vragen of hij daarmee akkoord gaat. En hoe je de privacy van zowel Erik als zijn moeder waarborgt. Aan zijn moeder zou je kunnen vragen wat haar beleving van de situatie is; hoe kijkt zij tegen verhuizen aan, wat heeft ze voor de erfenis van Erik geregeld, wat maakt dat zij niet wil dat Erik en Lise een kind krijgen.

Op basis van de informatie die je dan zou krijgen kun je beginnen met het maken van een situatie-analyse. Zijn er mogelijk ook nog belangrijke anderen aanwezig in het leven van Erik, Lise en Erik’s moeder? Wat is hun mening over de situatie?

Mogelijke problemen die er bij Erik spelen:

  • Erik heeft een verstandelijke beperking en moet in de toekomst op zichzelf wonen. Om te kijken in hoeverre hij hiertoe in staat is zou het handig kunnen zijn om samen te zoeken naar een begeleid wonen traject waarin wordt bepaald in hoeverre Erik op zichzelf kan wonen en hij hierin getraind kan worden. Dit doe je omdat het van belang is om te weten wat Erik wel zelfstandig kan, waar hij hulp bij nodig heeft, en of hij daar zelf wensen bij heeft. Tijdens dit traject kan er ook gekeken worden in hoeverre Erik financieel zelfredzaam is en kunnen hiervoor maatregelen worden getroffen (bewindvoering, curatorschap)
  • Het is belangrijk om je een beeld te vormen over Erik’s sociale vaardigheden. Heeft hij vrienden? Buren? Collega’s waarmee hij goed contact heeft? - Erik heeft een zinvolle dagbesteding (werken bij de bakkerij van Pameijer). Omdat hij hier graag werkt kun je als sociaal werker samen met Erik oefenen met het openbaar vervoer nemen naar zijn werk.
  • De seksuele ontwikkeling van Erik loopt niet synchroon met de congnitieve ontwikkeling van Erik. Wanneer Erik en Lise samen een kind krijgen kan dit mogelijke problemen opleveren voor het kind. Als sociaal werker dien je kennis te hebben over deze thema’s en problemen. Het is voor de sociaal werker belangrijk om hierover met Erik van gedachten te wisselen zonder dat je als sociaal werker Erik allemaal dingen opdringt: Erik heeft tenslotte recht op het maken van zijn eigen keuzes.
  • Erik en zijn moeder hebben (naar alle waarschijnlijkheid) 40 jaar samen geleefd. Hoe willen zij deze periode afsluiten? Zijn er mogelijke rituelen te bedenken die Erik en zijn moeder kunnen uitvoeren om dit ‘verlies’ van elkaar een plekje te geven? Wat zijn Erik’s ideeën hierover? En die van moeder? Heb jijzelf daar een idee voor?

We gebruiken cookies voor analyse en marketing om de website te verbeteren.

Wijzig cookie-instellingen