Dit document beschrijft de uitgangspunten van een innovatieve werkwijze voor de laatste fase van detentie, gericht op herstel, resocialisatie en re-integratie. De werkwijze is ontwikkeld tegen de achtergrond van aanhoudend hoge recidivecijfers in Nederland en het gegeven dat veel gedetineerden te maken hebben met een opeenstapeling van problemen op verschillende leefgebieden. Detentie op zichzelf blijkt deze problematiek niet op te lossen en kan deze zelfs verergeren. Tegelijkertijd hangt het op orde brengen van essentiële basisvoorwaarden voor re-integratie – zoals het hebben van een identiteitsbewijs, huisvesting, werk, inkomen, schulden(aanpak) en zorg – aantoonbaar samen met een lagere kans op recidive.
De werkwijze omvat twaalf inhoudelijke, onderling samenhangende elementen. Krachtgericht werken vormt hierbij de basismethodiek. Daarnaast zijn vier randvoorwaarden geformuleerd die de toepassing van de twaalf elementen mogelijk maken. Een geïntegreerde aanpak, gericht op meerdere leefgebieden, sluit aan bij de complexe problematiek van de doelgroep. In deze aanpak werken de penitentiaire inrichting (PI), reclasseringsorganisaties en lokale gemeenten nauw samen. Binnen de werkwijze wordt de gedetineerde aangeduid als ‘deelnemer’.