Met persoonlijke verhalen, onderzoek en scherpe observaties hield Marieke haar publiek een spiegel voor. Waarom hebben we zorg voor de laatste levensfase steeds meer uitbesteed aan professionals? En wat betekent dat voor de manier waarop we als samenleving omgaan met kwetsbaarheid, verlies en afhankelijkheid?
Een onderwerp waar niemand aan ontkomt
Saskia Klinkenberg (dagvoorzitter) opende de middag met een gedicht over een koning die de dood probeerde te vangen. Marleen Goumans, directeur van Kenniscentrum Zorginnovatie, nam vervolgens het stokje over. Zij benadrukte het maatschappelijke belang van het onderzoek en liet zien dat Marieke al jarenlang bruggen slaat tussen zorg, welzijn, onderwijs en samenleving.
Daarna volgden verschillende bijdragen van gastsprekers uit onderzoek, praktijk en samenleving. Vanuit uiteenlopende perspectieven stond steeds dezelfde vraag centraal: hoe zorgen we ervoor dat mensen zich gesteund voelen wanneer het leven kwetsbaar wordt?
"Marieke heeft geen makkelijk onderwerp gekozen…”
- Marleen Goumans, directeur van Kenniscentrum Zorginnovatie

Van ons allemaal
In haar lectorale rede maakte Marieke duidelijk dat de laatste levensfase niet alleen een medisch vraagstuk is. Het gaat ook over familieleden die zorgen, collega's die niet weten wat ze moeten zeggen, vrienden die wegblijven uit ongemak en buren die juist onverwacht opstaan.
Volgens Marieke zijn sterven en rouw sociale ervaringen die midden in het leven staan. Daarom pleit zij voor een samenleving waarin mensen beter toegerust zijn om elkaar te ondersteunen wanneer het leven kwetsbaar wordt.
"Het is een collectieve verantwoordelijkheid om er voor elkaar te zijn wanneer het leven kwetsbaar wordt."
- Marieke Groot
Meer dan professionele zorg
Een terugkerend thema was de rol van de gemeenschap. Marieke liet zien dat goede zorg niet alleen ontstaat in ziekenhuizen, hospices of spreekkamers. Ook sportverenigingen, werkplekken, buurten, geloofsgemeenschappen en vriendengroepen kunnen van grote betekenis zijn. Slechts vijf procent van de tijd zijn zorgprofessionals in beeld, de overige 95 procent wordt op die andere plekken besteed.
Volgens Marieke vraagt die rol van de gemeenschap om een ‘death literate’ samenleving. Daarmee doelt ze op een samenleving waarin mensen weten waar ze informatie kunnen vinden, gesprekken durven voeren over sterven en rouw en vooral aanwezig durven blijven als het moeilijk wordt.
In een tijd waarin zelfstandigheid vaak de norm is, hield Marieke een pleidooi voor iets anders: zorgzaamheid, verbondenheid en aandacht voor elkaar.
Verschillende perspectieven op de laatste 1000 dagen
Naast de lectorale rede deelden verschillende sprekers hun ervaringen en inzichten. Zij lieten zien dat palliatieve zorg en ondersteuning vele gezichten kent: van professionele zorgverlening en mantelzorg tot gemeenschapsinitiatieven en ondersteuning bij rouw.
De bijdragen maakten duidelijk dat de laatste levensfase niet alleen draait om zorg, maar ook om relaties, betekenisgeving en verbondenheid.
"Stel jezelf de vraag: wat betekent de dood voor mij? Als je dat weet, kan het makkelijker worden het gesprek over de dood aan te gaan"- Arjan Visser (patiënt taaislijmziekte)

Kwetsbaarheid hoort bij het leven
De boodschap van Marieke kreeg extra lading door de bijdrage van Erik Boels, lid van het College van Bestuur. Vanuit zijn eigen ervaringen vertelde hij hoe een langdurig ziekteproces binnen zijn familie hem liet zien hoe belangrijk steun van anderen kan zijn.
Daarmee raakte hij precies de kern aan van het lectoraat van Marieke. "Palliatieve zorg en ondersteuning gaan niet alleen over medische vragen aan het einde van het leven, maar over hoe we als samenleving omgaan met kwetsbaarheid, verlies, rouw, mantelzorg en sterven”, aldus Erik.
Volgens Erik laat Marieke zien dat deze thema’s weer een vanzelfsprekend onderdeel van het samenleven moeten worden.
Verbondenheid als bron van kwaliteit
Tijdens haar rede liet Marieke zien dat kwaliteit van leven niet alleen wordt bepaald door professionele ondersteuning. Juist relaties tussen mensen maken het verschil. Wie blijft er langskomen? Wie vraagt hoe het gaat? Wie durft het gesprek over afscheid aan?
Dat vraagt om een andere manier van kijken naar zorg en ondersteuning. Niet alleen gericht op wat professionals doen, maar ook op wat we voor elkaar kunnen betekenen. Met haar lectoraat werkt Marieke samen met burgers, professionals, maatschappelijke organisaties en onderwijs aan kennis over zorgzame gemeenschappen.
Zo maakt haar onderzoek duidelijk dat het niet alleen gaat over de laatste levensfase, maar ook over hoe we met elkaar willen samenleven. Hoe zorgen we dat niemand er alleen voor staat? Hoe ondersteunen we mantelzorgers? En hoe maken we ruimte voor gesprekken over verlies en rouw?
"Het leven wordt levendiger als we de dood erkennen"- Marieke Groot
