Ga direct naar de content

Ontmoeting 33

Ron Bormans over functioneringsgesprekken, kwaliteitsindicatoren, van elkaar willen leren op een natte dag en afscheid van een markante collega.


Donderdag 22 mei: afscheid van de vrouw in zwart

Zo'n typische dag met veel heen en weer geren. Ik spreek met de mensen van de zogeheten Zuidvleugel over hoe we in dit deel van het land overheid, bedrijfsleven en kennisinstellingen in een zodanige samenwerking krijgen dat we onze economische vitaliteit doen toenemen. Ook neem ik een deelbegroting door, probeer met onderzoekers te bedenken  hoe we toezicht in het onderwijs kunnen verbeteren, voer een functioneringsgesprek, overleg samen met collega Jan Roelof met onze onderwijsdirecteuren en rij tussendoor snel op en neer naar onze RDM Campus.

Daar wordt afscheid genomen van een markante collega, Sia Vogel. Sia, altijd gekleed in het zwart, staat voor eigenzinnigheid, loyaliteit en steeds zichzelf vernieuwend. Verpleegkundige, docent in hart en nieren, bestuur en management kritisch bejegend, maar altijd vanuit verbinding. Op het einde van haar carrière voorvechter geworden van digitalisering van het onderwijs - dankzij het project 'Homo Zappiens', waarbij een groep docenten van de hogeschool op zoek ging naar manieren om het onderwijs te verbeteren met behulp van digitale methoden (web 2.0). Hierdoor was zij inmiddels zo vergroeid met het digitale leren dat ze tijdens een door de Vereniging Hogescholen georganiseerde discussie de meest prominente plek in het panel innam. En ondanks een fysieke beperking, strijdbaar. Op ons interne discussieplatform Yammer is het beduidend stiller geworden.

Vrijdag 23 mei: duurzaam inzetbaar

De onderhandelingen over een nieuwe cao voor het hbo gaan van start. Ik mag die voorzitten namens de werkgevers. Wat centraal staat is - in dat typische jargon van ons - 'duurzame inzetbaarheid'. De bestaande cao lijkt vooral voor oudere collega's te kiezen door de mogelijkheid te bieden vanaf een bepaalde leeftijd op dagbasis wat minder te werken of om vanaf een bepaalde leeftijd tegen erg gunstige voorwaarden de loopbaan in deeltijd voort te zetten.

Werkgevers en werknemers gaan op zoek naar een vernieuwde systematiek waarin de erkenning ligt opgeslagen dat er meer categorieën medewerkers zijn die we moeten 'helpen' duurzaam inzetbaar te blijven: de beginnende docent, de docent die na tien jaar lesgeven de behoefte voelt om 'op te frissen'.  Daarbij is het ook zoeken naar een balans tussen wat de werkgever moet aanreiken en waar mensen zelf verantwoordelijkheid voor nemen. Tijdens de vergadering dwalen mijn gedachten even af naar Sia, de vrouw in het zwart. Zij heeft steeds benadrukt dat haar werkgever haar de ruimte heeft geboden de dingen te doen die zij belangrijk vond. Zij heeft zelf de keuze gemaakt duurzaam inzetbaar te willen zijn. 

Dinsdag 27 mei: jezelf willen verbeteren

Een sombere en bijzonder natte dag. En juist vandaag staat in mijn agenda dat ik met groepjes onderwijsmanagers langs de beelden op de Westersingel ga wandelen om met hen te delen wat hun leerervaringen zijn in het Management Development traject. De beeldenroute is onderdeel van de zogeheten Culturele as in Rotterdam, waar zo'n 17 beelden staan van gerenommeerde kunstenaars. Ik heb het over Rodin en Picasso. Die setting moet ons in een ontspannen, open houding brengen zodat we dingen echt met elkaar delen.

Maar dat lukt niet als de broekspijpen doorweekt zijn voordat we aan de wandeling gaan beginnen en zeker niet wanneer het water letterlijk in mijn schoenen staat. Dus wordt het aanschuiven bij groepjes in Starbucks en Café Engels. Ook niet verkeerd. Er zit een opvallende rode draad in de gesprekken. Ons kwaliteitsprogramma Focus leunt sterk op de gedachte dat kwaliteit van het onderwijs een teamverantwoordelijkheid is, hetgeen grote eisen stelt aan de direct leidinggevenden van onderwijsteams: het vermogen ruimte te geven, te vertrouwen op professionals, het gesprek te organiseren over kwaliteitsindicaties, steun te geven en te interveniëren waar nodig.

De collega's met wie ik spreek durven te benoemen wat hen goed lukt en wat moeilijk is, realiseren zich dat zichtbaarheid en interactie noodzakelijke eigenschappen zijn. Uitkijkend op een mistroostig decor van omklappende paraplu's en doorweekte forensen is bij de warmte van de koffie de boodschap helder: we komen verder als we van elkaar willen leren. 

Woensdag 28 mei: evalueren en beoordelen

Het is de tijd van de beoordelingsgesprekken. Ik voer die met alle instituutsdirecteuren. Die gesprekken baseer ik op peilers. Ik vorm voor mezelf een beeld van de resultaten van het instituut, zowel op basis van afspraken die met de directeur gemaakt zijn, alsook op basis van de 5 kwaliteitsindicaties die wij bij Hogeschool Rotterdam hanteren. Kwaliteit vindt zijn uitdrukking in wat wij noemen onze vijf ankerpunten:

  • Tevreden studenten (Nationale Studenten Enquête)
  • Tevreden docenten (Medewerkerstevredenheidonderzoek)
  • Tevreden deskundigen (Beoordeling door de Nederlands-Vlaamse AccreditatieOrganisatie)
  • Tevreden afnemend veld (HBO-monitor)
  • Voldoende hoog studiesucces

Daarnaast vragen we directeuren te komen met een kritische zelfreflectie en we nodigen collega's van instituutsdirecties uit om hun opvattingen te ventileren over het leiderschap van hun directeur. Ik praat ook steeds met die collega's en test in die gesprekken of mijn beeld van het functioneren van de betreffende directeur weerklank vindt in de evaluatieve opmerkingen van de collega's. Elk van die gesprekken begin ik met deze spelregels: 

  • We spreken vertrouwelijk met elkaar
  • De directeur krijgt ook te zien wat de mensen zeggen over aspecten als leiderschap, doelgerichtheid en het creëren van een veilige werkomgeving
  • Het blijft mijn verantwoordelijkheid om uiteindelijk de beoordeling uit te spreken; ik zal me dus nooit willen en kunnen verschuilen achter het 'oordeel' van de collega's.

Een waardevolle, zorgvuldige en integere manier van beoordelen, die ook op mij en mijn collega Jan van toepassing zal zijn als wij in het najaar aan de beurt zijn. 

Donderdag 5 juni: bestuurders leren van elkaar

Wij bestuurders vergaderen wat af. En meestal is dat zo operationeel dat het moment van reflectie ontbreekt. We organiseren dat te weinig. Als we leiding willen geven aan lerende organisaties, vinden dat onze mensen van elkaar moeten willen leren, dan horen we dat zelf ook te doen.

De Vereniging Hogescholen heeft mijn eigen Limburg uitgekozen om twee dagen lang met mensen van buiten allerlei aspecten die met het hbo van doen hebben eens grondig te bespreken. We hebben het over mondiale trends, de invloed van digitalisering op het onderwijs, leerstijlen van jonge mensen, de balans tussen kennis overbrengen en 'Bildung', governance en nog vele thema's meer.

En tussendoor spreek je eens met de collega over andere zaken dan de accreditering, het deeltijdonderwijs, de bekosting of het leenstelsel. Maar over wat je moeilijk vindt, dilemma's in de afwegingen, morele kwesties, etc. En is er tijd voor ontspanning.

Voor Doekle Terpstra en mij betekent dat de Kruisberg, Eyserbosweg, Keutenberg en de Cauberg. Ik wist niet of het zou lukken maar had voor de zekerheid mijn fiets achter in de auto gegooid. En terwijl de collega's een door Ad de Graaf -  directeur van de Vereniging Hogescholen - geleide hbo-kennisquiz deden, kwelden een Limburger en een Fries zichzelf met Limburgse hoogtemeters, maar genoten intens van een warme avondzon. En dan denk je de boel voor elkaar te hebben en klapt de voorband.....

Dinsdag 10 juni: de beste willen zijn

Industrieel Product Ontwerpen is een van onze beste opleidingen. Dat is recent bevestigd met een score van 4,2 in de Nationale Studentenenquête (dit is gewoon een dikke acht) en zal binnenkort bevestigd worden in de accreditering.

Het proces van de accreditering begint met de zogeheten 'kritische zelfreflectie'. Onderdeel van de procedure bij onze hogeschool is dat onze interne auditdienst AMC het concept daarvan heel grondig bekijkt en voorzien van hun advies aan mij voorlegt. Vervolgens vindt een gesprek plaats tussen mij en de opleiding c.q. het instituut waar de opleiding deel van uitmaakt.

Het gesprek kent een interessante wending. We vergaderen soms over de vraag of we ons zorgen moeten maken of we de accreditering zonder meer gaan halen. Nu vergaderen we over de vraag of we onze ambitie om te gaan voor een excellente accreditering, expliciet maken of dat we het over laten aan de commissie die ons gaat beoordelen.

Overwegingen van tactische aard wisselen zich af met de wens teksten af te scheiden die blijvend passen bij de cultuur en identiteit van het team. We komen tot de conclusie dat het niet passend is op elke pagina het woord 'excellent' neer te gaan zetten. Wel vinden we dat de kwaliteit die het team levert en die tussen de regels door goed te lezen is, net wat meer in de etalage gezet mag worden. Heerlijk, ik zou willen dat mijn hele vergaderschema zou gaan over dit soort afwegingen. 

Over de auteur

Ron Bormans - Voorzitter College van Bestuur

Ron Bormans (1957, te Schinnen, Zuid-Limburg) mag zich verheugen in een lange periode van ontmoetingen in en met het hoger (beroeps)onderwijs. Tijdens zijn studies: Natuurkunde (propedeuse) in Eindhoven en Politicologie / Bestuurskunde in Nijmegen. Maar ook in zijn loopbaan. Hij werkte o.a. als plv. directeur HBO en directeur Studiefinanciering bij OCW. Daarnaast was hij consultant bij Capgemini. Op dit moment geeft hij leiding aan Hogeschool Rotterdam als bestuursvoorzitter, een functie die hij eerder bekleedde bij de HAN. Maar hij deed ook de HvA en Inholland aan en hield toezicht op onderwijsprogramma's als directeur NQA.

Elke twee weken is de nieuwe blog-post ook te volgen op Twitter via @ronbormans1.

We gebruiken cookies om de website te verbeteren.