1926
Black History Month is in 1926 bedacht door de Zwarte historicus Carter G Woodson. Hij zag hoe de geschiedenis van Zwarte Amerikanen structureel ontbrak in het onderwijs en het publieke debat.
Deze maand bestond in eerste instantie uit slechts een week. De week werd bewust gepland in de tweede week van februari, rond de verjaardagen van abolitionist Frederick Douglass en president Abraham Lincoln. Douglass werd geboren in slavernij en wist daaraan te ontsnappen. Later werd hij een invloedrijk schrijver, spreker en activist tegen slavernij. Abraham Lincoln was president tijdens de Amerikaanse Burgeroorlog en speelde een centrale rol bij de afschaffing van slavernij in de Verenigde Staten.
De week groeide later uit tot Black History Month, een ontwikkeling die in 1976 officieel werd erkend door de Amerikaanse overheid.
Iets Amerikaans?
Hoewel Black History Month zijn oorsprong heeft in de Verenigde Staten, wordt de maand inmiddels in veel landen erkend. In het Verenigd Koninkrijk vindt Black History Month sinds de jaren zeventig plaats in oktober. In Nederland kent de maand geen officiële status, maar groeit de aandacht ervoor wel.
INCLUDED sluit bewust aan bij Black History Month. Enerzijds omdat studenten in de zomermaanden minder goed bereikbaar zijn, anderzijds omdat Nederland nog veel heeft in te halen als het gaat om kennis en bewustwording rond het koloniale- en slavernijverleden. Stilstaan bij Black History Month biedt ruimte om die geschiedenis te verbinden aan het heden.
Onderbelichte geschiedenis Nederland
Het Nederlandse koloniale- en slavernijverleden is nog altijd onvoldoende bekend. In het geschiedenisonderwijs ligt de nadruk vaak op de economische en maritieme macht van Nederland, bijvoorbeeld via verhalen over de VOC. De structurele uitbuiting, ontmenselijking en het geweld dat daarmee gepaard ging, blijven regelmatig onderbelicht.
Gedurende meer dan drie eeuwen werden miljoenen mensen uit Afrika tot slaaf gemaakt en onder mensonterende omstandigheden gedeporteerd naar Nederlandse koloniën, waaronder Suriname en de Caribische eilanden Aruba, Bonaire, Curaçao, Saba, Sint Eustatius en Sint Maarten. Ook in Azië werden mensen tot slaaf gemaakt binnen gebieden die onder bestuur van de Verenigde Oost-Indische Compagnie vielen. Generaties lang werden mensen geboren in slavernij. Zij werden hun leven lang gedwongen tot slavenarbeid, ten dienste van de Nederlandse plantage-eigenaren.
De gevolgen van dit verleden zijn nog steeds voelbaar. Onderzoek van onder andere het Sociaal en Cultureel Planbureau laat zien dat mensen van kleur in Nederland vaker te maken krijgen met discriminatie, bijvoorbeeld op de arbeidsmarkt of in contact met overheidsinstanties. Het slavernijverleden is geen afgesloten hoofdstuk, maar een geschiedenis die doorwerkt in hedendaagse ongelijkheid.
Belangrijke vrijheidsstrijders
Binnen deze geschiedenis speelden vrijheidsstrijders een cruciale rol. Mensen als Tula op Curaçao, Boni in Suriname, Anthon de Kom en Ma Pansa kwamen in verzet tegen onderdrukking en koloniale ongelijkheid. Zij organiseerden opstanden, boden tegenstand en gaven stem aan verzet, vaak met grote persoonlijke risico’s. Veel van deze namen ontbreken nog altijd in de canon van de Nederlandse geschiedenis, terwijl hun strijd essentieel is voor ons begrip van vrijheid en rechtvaardigheid.
Doe mee!
INCLUDED nodigt je uit om Black History Month te vieren met Black Hair: Coils & Crowns, in samenwerking met de Brasa Student Group en kunstenaar Aisha Bah. Tijdens het event staat de geschiedenis en cultuur van Black hair centraal, een krachtig symbool van identiteit en zelfexpressie binnen de Zwarte gemeenschap. We sluiten af met creatieve activiteiten, muziek, hapjes en spelletjes. Iedereen is welkom, of je nu vertrouwd bent met Black hair of juist meer wilt leren.
Aanmelden kan hier.