Studenten starten met een vak waarin ze twee bedrijven vergelijken: het ene is vooral sociaal bezig (bijvoorbeeld met personeel), het andere richt zich op het milieu. Die vergelijking laten ze zien in de vorm van een poster. Docent Miranda Jansson: ‘We willen studenten laten zien dat duurzaamheid geen idealistisch idee is, maar serieus onderdeel van het bedrijfsleven.’
In het tweede jaar werk je aan een echte praktijkopdracht, in samenwerking met een groot accountantskantoor. Je krijgt ook een gastles van een expert en sluit het project af in De Kuip, inclusief rondleiding. In jaar 3 komt duurzaamheid terug in vakken zoals bedrijfsstrategie en verslaggeving. En in jaar 4 kies je een minor waarin je aan de slag gaat met echte opdrachten van bedrijven. Bijvoorbeeld het verzamelen van gegevens voor duurzaamheidsrapporten. ‘Sommige studenten zijn in het begin wat sceptisch,’ zegt Miranda, ‘maar na een tijdje snappen ze dat dit bij hun toekomstige werk hoort. En je kunt er ook nog eens geld mee verdienen.’