Samenwerken over disciplines heen
De kracht van deze samenwerking zit in de combinatie van kennis en perspectieven. Civiele Techniek-studenten richten zich op constructieve veiligheid, stabiliteit en uitvoerbaarheid. Watermanagement-studenten brengen expertise in over waterstromen, klimaatadaptatie en systeemdenken. Vanaf het begin werken studenten in multidisciplinaire teams aan praktijkopdrachten. Dat vraagt om een andere manier van denken.
“In het begin is het soms wennen: de kortste route naar een oplossing bestaat niet meer, maar door elkaars kennis te combineren, ontstaan oplossingen die veel sterker en creatiever zijn dan wanneer studenten alleen zouden werken.” vertelt een docent.
Door vaste reflectiemomenten en begeleiding van een multidisciplinair docententeam leren studenten hun keuzes onderbouwen, naar elkaar luisteren en inzichten samenbrengen in één ontwerp. Zo ontdekken ze dat complexe wateropgaven vragen om samenwerking net als in de beroepspraktijk.
Samen ontwerpen én testen
De samenwerking krijgt extra diepgang tijdens het vak Prototyping. In zes weken werken studenten intensief aan een concreet praktijkprobleem. Ze ontwerpen een oplossing, bouwen een prototype en testen dit onder andere in het AquaLab op RDM.
Een van de projecten dit jaar was het ontwikkelen van een noodmaatregel voor de Maeslantkering. Wat gebeurt er als de kering onverwacht niet sluit? Studenten onderzochten verschillende scenario’s en ontwierpen uiteindelijk een ‘parachute-achtig’ systeem dat de kracht van het water kan afremmen. Door kennis van constructies en waterdynamica te combineren, kwamen zij tot een werkend concept. Juist in dit soort projecten wordt duidelijk hoe de opleidingen elkaar aanvullen. Een constructie kan technisch kloppen, maar moet ook functioneren binnen een complex watersysteem. Andersom geldt dat inzicht in waterstromen pas echt waarde krijgt als het vertaald wordt naar een uitvoerbare en veilige oplossing.
Werken aan maatschappelijke opgaven
De projecten sluiten direct aan bij actuele maatschappelijke uitdagingen. Klimaatadaptatie en waterveiligheid vormen de kern: hoe beschermen we onze stedelijke delta tegen hoogwater, zeespiegelstijging en extreme weersomstandigheden?
Ook energietransitie krijgt een plek binnen de projecten. Studenten onderzoeken bijvoorbeeld hoe waterbouwkundige constructies gecombineerd kunnen worden met duurzame energieopwekking, zoals bij energiedamwanden. Zulke multifunctionele oplossingen vragen om integrale kennis, precies wat ontstaat wanneer opleidingen samenwerken. Door deze integrale aanpak raken projecten bovendien aan bredere thema’s zoals leefbaarheid en duurzaamheid in de gebouwde omgeving.
Voorbereid op de praktijk van morgen
Wat studenten vooral meenemen, is het besef dat complexe opgaven niet binnen één discipline opgelost kunnen worden. Ze leren elkaars taal spreken, belangen afwegen en samen tot een gedragen ontwerp te komen. Die ervaring bereidt hen voor op de praktijk, waar samenwerking tussen verschillende vakgebieden de norm is.
De projecten leveren niet alleen innovatieve ideeën op, maar ook professionals die begrijpen hoe belangrijk samenwerking is in de gebouwde omgeving. De minor Waterbouw laat daarmee zien hoe binnen het Instituut van Gebouwde Omgeving de opleidingen elkaar versterken. Door kennis te bundelen en samen te werken aan echte vraagstukken met opdrachtgevers uit de praktijk, docent-onderzoekers en lectoren, dragen studenten concreet bij aan een veilige en toekomstbestendige delta.