De leraar gaat er even voor zitten en geeft mooie feedback:
“Wat goed dat je deze vraag stelt, het is inderdaad precies het lastige onderdeel van deze opdracht. Welke stappen hebben jullie tot nu toe gezet?”
Dezelfde leerling komt dan weer met een prachtig antwoord. Nu wordt de leraar pas echt enthousiast en geeft de leerling opnieuw waarderende feedback.
In de eerste minuten laten de andere leerlingen uit het groepje nog merken dat ze betrokken zijn bij het gesprek. Als beeldcoach zeggen we dan dat ze ‘volggedrag’ laten zien: ogen gericht op de leraar en op de leerling als hij aan het woord is, meeknikken, meelachen op het juiste moment.
Maar als de leraar dit volggedrag niet opmerkt, zie je deze leerlingen langzaam afhaken en terugkeren naar hun eigen gedachtewereld. Ze wenden hun ogen af, richten zich weer op hun laptop of schrift, staren door het raam in de verte of gaan misschien wel een beetje keten met hun overbuurman.
Zo’n situatie kan me door de ziel snijden. In de eerste plaats omdat in het beeld vaak zo duidelijk de poging tot contact van de andere leerlingen naar de leraar te zien is, een poging die niet wordt beantwoord. En in de tweede plaats omdat het voor de leraar, bij het terugkijken en onderzoeken van het beeld, ook vaak pijnlijk is. Natuurlijk is het nooit zijn of haar bedoeling om leerlingen buiten te sluiten in het gesprek, maar hij ziet het zichzelf doen.
Dit werkt overigens vaak wel louterend. Door, of misschien wel dankzij, dit pijnlijke moment kan de leraar ook meer compassie voelen voor de andere leerlingen. En dan is er morgen altijd weer een kans om het beter te doen.