Menu Zoeken English

Wat werkt voor risicojongeren?

Begeleiding naar werk of vervolgstudie
Publicatiedatum: 01 januari 2012

Het promotieonderzoek van Rineke richt zich op de effectiviteit van sociale programma's gericht op werk of vervolgstudie voor risicojongeren op mbo-1 niveau. Daarvoor volgt zij gedurende langere tijd jongeren in Rotterdam die studeren op een Startcollege (de huidige Entreeopleiding) of die de Wijkschool volgen. Het mixed methods onderzoek omvat een effect- en procesevaluatie en wil inzicht tonen in de mate waarin en de wijze waarop deze programma’s in staat zijn risicojongeren te ondersteunen in hun ontwikkeling en keuzes.

Toon:

Projectbeschrijving

Om risicojongeren, jongeren zonder startkwalificatie met problemen op meerder leefgebieden, een zo groot mogelijke kans op maatschappelijke participatie te geven, bestaan er zowel reguliere (schoolse) curricula als speciaal voor deze doelgroep ontwikkelde programma's. Dit promotieonderzoek omvat een proces- en effectevaluatie van twee van deze sociale programma's in Rotterdam, te weten de Wijkschool en het Startcollege (de huidige Entreeopleiding) van ROC Zadkine en ROC Albeda. Het onderzoek volgt een mixed methods design waarin zowel kwantitatieve als kwalitatieve methoden worden toegepast.

Promotor: Prof. dr. W.F. Admiraal
Universiteit: Universiteit van Leiden

Onderzoek

De effectstudie van dit promotieonderzoek gaat met herhaalde metingen onder grote groepen jongeren na in hoeverre sprake is van ontwikkeling van onder andere motivatie voor werk en school, de ervaren sociale steun en zelfredzaamheid. Daarbij richten de onderzoeksvragen zich zowel op de harde als op de zachte opbrengsten van de programma's. De harde opbrengsten zijn de vervolgstappen die de jongeren nemen nadat zij het programma hebben afgerond, dat wil zeggen stromen zij uit naar een vervolgstudie, naar werk of gaan zij andere dingen doen. De zachte opbrengsten hebben betrekking op zelf- en toekomstbeeld: weten jongeren na afloop van het programma beter of meer wat hun sterke en zwakke punten zijn,  waar hun talenten en ambities liggen en hoe zij hun toekomst willen vormgeven.

In de procesevaluatie wordt door documentanalyse en interviews met studenten en mentoren gekeken in hoeverre de programma's worden uitgevoerd zoals oorspronkelijk bedoeld, en hoe zij worden ervaren door de studenten en hun mentoren. Ook wordt onderzocht welke steun en inbreng jongeren bij keuzes over vervolgstappen toeschrijven aan hun mentoren.

We gebruiken cookies om de website te verbeteren.