Menu Zoeken English

Medezeggenschapsraad stemt in met kwaliteitsafspraken hogeschool

06 februari 2019

Afgelopen maandag heeft de Centrale Medezeggenschapsraad (CMR) ingestemd met de kwaliteitsafspraken die opgesteld zijn voor de hogeschool. Wat zijn de kwaliteitsafspraken en waarom maakt Hogeschool Rotterdam deze? Wat gaan we ervan merken?

Het draait hierbij om het geld dat is vrijgekomen na het afschaffen van de basisbeurs. Daardoor heeft de hogeschool in 2019 8,6 miljoen euro extra te besteden en dat bedrag loopt tot en met 2024 op tot 26 miljoen euro.

De CMR is nauw betrokken geweest bij de besluitvorming over het te besteden geld. De afspraak die landelijk is gemaakt, is dat het bedrag de kwaliteit van het onderwijs ten goede moet komen, op een voor studenten herkenbare manier.  Hogeschool Rotterdam  kiest ervoor meer docenten aan te nemen om kleinschaliger onderwijs aan te kunnen (blijven) bieden. Om de kwaliteit een impuls te geven zal het vrijgekomen geld ook besteed worden aan het professionaliseren van docenten.

De CMR heeft een pleidooi gehouden dat er wordt geïnvesteerd in ICT-voorzieningen en werkplekken voor studenten. Alle instituten hebben een eigen kwaliteitsplan ingediend, waarin is opgenomen hoe zij de gemaakte afspraken willen doorvoeren. Deze kwaliteitsplannen zijn goedgekeurd door de IMR en de Raad van Toezicht.

Projectleider Simon Theeuwes geeft antwoord op de belangrijkste vragen over de kwaliteitsafspraken en de komende weken volgen we de kwaliteitsafspraken op instituutsniveau. Voor de instemming stelde de CMR het bestuur een aantal kritische vragen, daarover lees je in Profielen .

Wat zijn de kwaliteitsafspraken?

Simon Theeuwes: “Met de komst van het leenstelsel is de basisbeurs voor studenten afgeschaft. Afgesproken is dat het budget dat daarmee vrijkomt hoe dan ook ten goede komt aan de student, in de vorm van beter onderwijs. Hogescholen en universiteiten maken daarom afspraken met de minister van OCW over hoe zij dit geld gaan besteden. Het is belangrijk dat de plannen in goed overleg met studenten, docenten, medezeggenschap en externe stakeholders tot stand zijn gekomen, daar zijn we de afgelopen maanden mee bezig geweest.”  

Waaraan kunnen hogescholen het geld van de kwaliteitsafspraken besteden?

“Het budget dat hogescholen krijgen voor het invullen van de kwaliteitsafspraken mag besteed worden aan zes landelijk bepaalde thema’s”, zegt Simon en hij somt ze op: “Intensiever en kleinschaliger onderwijs, meer en betere begeleiding van studenten, studiesucces, onderwijsdifferentiatie, docentkwaliteit en onderwijsfaciliteiten. Elke instelling kan het budget binnen deze kaders naar eigen inzicht en behoefte inzetten. Onze hogeschool ontvangt tot 2024 een oplopend budget, uiteindelijk is dat 26 miljoen euro.”

Waarvoor kiest Hogeschool Rotterdam?

“De hogeschool verbindt de kwaliteitsafspraken met het bereiken van onze strategische doelen: komen tot inclusief, contextrijk en kwalitatief hoogwaardig onderwijs. Daarom zetten we in op meer docenten, professionalisering van docenten en het verbeteren van onderwijsfaciliteiten. Door het aannemen van meer docenten willen we intensief, kleinschaliger onderwijs bereiken. Er komen extra docenten voor onder meer extra begeleiding van studenten en voor onderwijsdifferentiatie”, legt Simon uit. “Het gaat om 200 fte aan nieuwe docenten, dus je kunt zeggen dat we daarmee een belangrijke ambitie hebben neergelegd in de kwaliteitsafspraken. De afgelopen jaren is de docent-student ratio al verminderd van 1 op 25 naar 1 op 24 en dat moet naar 1 docent op 21 studenten gaan.”

“Bij docentprofessionalisering kun je denken aan betere inwerktrajecten voor docenten, professionalisering op didactiek en inclusiviteit. Maar ook aan het opleiden van examinatoren en, erg belangrijk: teamontwikkeling. De teams staan in onze gedecentraliseerde sturingsfilosofie immers centraal en versterking van de teams heeft de hoogste prioriteit.”

“Verder gaat er op advies van de CMR gaat de komende jaren ook een deel van het budget naar onderwijsfaciliteiten, zoals ICT-voorzieningen en studieruimtes. Alle maatregelen dragen naar verwachting bij aan meer studiesucces, dat gezien kan worden als overkoepelend thema voor wat de hogeschool met de kwaliteitsafspraken hoopt te realiseren”, vervolgt Simon.

Hoe zijn de kwaliteitsafspraken tot stand gekomen?

Simon vertelt dat het strategische kader is neergezet door het CvB, in afstemming met directies, kenniscentra en CMR. “En elk onderwijsinstituut heeft, met instemming van hun IMR, een instituutsplan opgesteld waarin zij beschrijven hoe zij hun kwaliteitsafspraken gaan aanpakken. De bijeenkomst ‘wat moet de HR doen met 26 miljoen?’ van de CMR leverde input op over wensen van studenten en medewerkers. Het hogeschoolbrede plan is daarnaast besproken met externe partners van de hogeschool.  De CMR heeft ingestemd en de Raad van Toezicht heeft goedkeuring gegeven aan het plan.”

Hoe gaan de afspraken concreet ingevuld worden?

“De budgetten voor 2019 zijn per instituut toegekend en het plan voor wat er dit jaar gaat gebeuren is compleet. Voor de overige jaren is een bedrag per instituut begroot dat later een definitieve bestemming krijgt. Ook de diensten ontvangen een budget waarmee zij een bijdrage leveren aan de instituutsplannen door te investeren in werving en ondersteuning bij docentprofessionalisering. In het plan kun je lezen hoe de beoogde invulling voor 2019 eruit ziet”, geeft Simon aan.

Wat merkt de student ervan?

“Dat verschilt per instituut en per opleiding”, zegt Simon “Het instituut voor Financieel Management gaat langstudeerders helpen afstuderen, instituut EAS wil meer peercoaches aannemen, bijvoorbeeld.“ De komende weken besteden we op HINT aandacht aan de decentrale invulling van de kwaliteitsafspraken per instituut. Over het realiseren van meer onderwijsfaciliteiten, zoals de CMR voorstelt, wil Simon kwijt dat dit wat meer tijd in beslag zal nemen. Het ligt aan hoe eenvoudig het is om een oplossing in te zetten hoe snel er resultaat verwacht kan worden.

Op welke manier houdt de hogeschool jaarlijks vinger aan de pols?

“De instituten monitoren de uitvoering van de kwaliteitsplannen zelf. Daarbij is een belangrijke rol weggelegd voor de instituutsraden en ook de CMR houdt een vinger aan de pols. De instituutsplannen en het dienstenplan worden elk jaar geactualiseerd. Ook hier hebben IMR en CMR wederom een belangrijke taak: elk jaar hebben zij instemmingsrecht op de geactualiseerde plannen van de instituten en de diensten, in het kader van het begrotingsproces”, besluit Simon.

We gebruiken cookies om de website te verbeteren.