Ga direct naar de content

Bewegen naar gezondheid: het kan, het moet en het heeft effect

Openbare les lector Maarten Schmitt bij Hogeschool Rotterdam
14 september 2017

Hoe kan ervoor worden gezorgd dat mensen voldoende gaan bewegen en dit volhouden? Door goede afstemming tussen verschillende disciplines in de zorg, zegt lector Bewegen naar Gezondheid Maarten Schmitt van Hogeschool Rotterdam. Hij schetst in zijn openbare les op donderdag 28 september de verschillende kanten van gezond en ongezond beweeggedrag.

Voldoende beweging, gezond eten en niet te veel drinken en roken zijn bewezen effectief voor het verminderen van het risico op onder andere hart- en vaatziekten en diabetes type II. Maar ondanks voorlichtingscampagnes en alle aandacht in de media komen mensen niet voldoende in beweging of houden ze het niet vol. Dat heeft gevolgen voor de individuele gezondheid van mensen, maar ook voor de volksgezondheid. Het overlijdensrisico neemt toe en de zorgkosten stijgen.

Het lectoraat Bewegen naar Gezondheid – verbonden aan Kenniscentrum Zorginnovatie van Hogeschool Rotterdam - kan hieraan een belangrijke bijdrage leveren: “De wijk heeft in Nederland een belangrijke maatschappelijke functie, mensen willen zoveel mogelijk voorzieningen dicht in de buurt hebben. Het lectoraat gaat samen met onder andere de beroepspraktijk en het onderwijs methoden ontwikkelen die in de wijken aanslaan. Daarbij richt het lectoraat zich vooral op Rotterdam en omgeving”, aldus de lector. Zo ook in het project Bewegen naar Beter, waar wordt samengewerkt met huisartsenpraktijken in de regio. Met een persoonsgerichte aanpak wordt gestimuleerd tot gedragsverandering en daarmee tot meer beweging. Er is met name aandacht voor nazorg om drempels weg te nemen en terugval te voorkomen.

De openbare les

Tijdens zijn openbare les gaat Schmitt in op het stimuleren van gezond beweeggedrag, de gevolgen van onvoldoende bewegen en de effecten van interventies bij gedragsverandering. Deze gevolgen zijn groot: onvoldoende bewegen is verantwoordelijk voor tien procent van de sterfgevallen aan niet-overdraagbare ziekten. Voor sommige ziekten ligt het percentage nog veel hoger, zoals dertig procent voor een aantal hartziekten. Deze percentages moeten omlaag.

Daarnaast vertelt hij over het ontstaan en verminderen van ‘disability’, ofwel fysieke beperkingen aan het houdings- en bewegingsstelsel. De lector zal afsluiten met zijn focusgebieden en hoe hij het onderwijs van Hogeschool Rotterdam hierbij gaat betrekken. Dit wil hij doen door het opzetten van een ‘taskforce’ die zich richt op samenwerking tussen verschillende opleidingen en praktijkgericht onderzoek.

De lector

Maarten Schmitt werd in juni 2016 lector bij Hogeschool Rotterdam. Hij is van oorsprong fysiotherapeut. Hij voltooide zijn masteropleiding aan de Katholieke Universiteit Leuven. Hij promoveerde aan de faculteit Geneeskunde van de Universiteit Utrecht op een proefschrift over de gevolgen van een whiplashtrauma. Schmitt heeft ruim 25 jaar ervaring in het hoger gezondheidszorgonderwijs, met name in de fysiotherapie. 

We gebruiken cookies om de website te verbeteren.