Ga direct naar de content

Eindoordeel prestatieafspraken: waardering voor inspanningen Hogeschool Rotterdam, toch een korting

18 november 2016

Vandaag heeft minister Bussemaker uitspraak gedaan over de realisatie van de prestatieafspraken die de hogescholen in 2012 met het ministerie van OC&W hebben gemaakt. De minister volgt in grote lijnen het advies van de Reviewcommissie, maar zal de financiële consequentie daarvan maar voor de helft doorvoeren.

Lees de uitspraak van de minister

De Reviewcommissie gaf een positief oordeel over de prestaties van Hogeschool Rotterdam op het gebied van onderwijskwaliteit, de kwalificatie van medewerkers en de bedrijfsvoering, maar oordeelde negatief over de prestaties op het gebied van studiesucces. De hogeschool wordt daarom door de minister in 2017 eenmalig gekort op de prestatiebekostiging, maar voor de helft minder dan de aanvankelijk korting.

Aandacht voor trilemma

De minister wil met haar besluit recht doen aan de ingewikkelde opdracht waar het hbo voor staat. Daarnaast erkent de minister de noodzaak dat  hogescholen doorgaan op de ingezette weg om het studiesucces te verhogen en gelijke kansen te bieden aan al hun studenten. 

Minister Bussemaker: "De hogescholen hebben de afgelopen jaren voor een zeer moeilijke opdracht gestaan. De verhoging van het eindniveau heeft een onderschat effect gehad op het studiesucces. Alle hogescholen worstelen met het trilemma om de kwaliteit te verbeteren, het studiesucces te verhogen en tegelijkertijd de toegankelijkheid te borgen. Zij hebben te maken met een zeer gedifferentieerde studentenpopulatie en staan voor de opdracht om al deze studenten gelijke kansen te bieden en naar een diploma te leiden. Voor hogescholen met relatief veel studenten uit het mbo, studenten met een niet-westerse achtergrond en eerste-generatie-studenten speelt het trilemma nog in versterkte mate." 

"Ik heb begrip voor het feit dat de hogescholen, geconfronteerd met het trilemma, de afgelopen jaren prioriteit hebben gegeven aan verhoging van het niveau en daarmee voor kwaliteit boven kwantiteit hebben gekozen. Ook als dat effecten had op de termijn waarbinnen hun studenten afstudeerden." 

Reactie HR: blij met erkenning, teleurgesteld over korting

Hogeschool Rotterdam waardeert de erkenning van de minister voor de inspanningen die wij plegen op het vraagstuk van kwaliteit en studiesucces in het hbo. Hogeschool Rotterdam heeft dit thema zelf de afgelopen jaren op indringende wijze geagendeerd. De hogeschool ziet al langer dat het investeren in kwaliteit voor groepen zoals mbo’ers en studenten met een migratieachtergrond negatief uitwerkt voor hun succeskansen. Ook aan Radio Rijnmond liet collegevoorzitter Ron Bormans weten teleurgesteld te zijn over de korting.

De hogeschool waardeert ook de beweging die de minister heeft gemaakt om de korting als gevolg van het negatieve advies van de Reviewcommissie te beperken. Collegevoorzitter Ron Bormans: "Met het besluit van de minister blijft de financiële belemmering om onze ambities op het gebied van studiesucces vorm te geven beperkt. Maar feit blijft dat de minister nu geld wegtrekt uit een regio, waar het vraagstuk -  zeker ook maatschappelijk - meer dan indringend is en waar we alle zeilen bijzetten om dit aan te pakken."

Gemiste kans

De hogeschool vindt het een gemiste kans dat de minister geen gebruik heeft gemaakt van haar wettelijke ruimte om het negatieve advies naast zich neer te leggen en beraadt zich op de wenselijkheid en mogelijkheid om het besluit aan te vechten. Bormans: "In haar advies erkent en waardeert de Reviewcommissie het verhaal van een hogeschool die studiesucces in haar dna heeft. Die landelijk voortdurend tot de initiatiefnemers behoort om het dit maatschappelijke vraagstuk aan te pakken. En die steeds weer initiatieven ontwikkelt rond onderwijsvernieuwing en aansluiting mbo-hbo. Maar die argumenten weegt men niet mee in het advies. De commissie heeft alleen de rekenregels aangepast."

"Kijk, als voorbeeld, naar onze commerciële opleidingen, opleidingen in het hart van ons economisch domein, waar de problematiek het grootst is. Zij hebben ingezet op academische en persoonlijke binding en een bindend studieadvies van 60 punten ingevoerd, om studenten te stimuleren om de propedeuse in het eerste jaar af te ronden. Het propedeuserendement is daar gestegen van gemiddeld zo’n 35% naar 70%. Op basis van die ervaring, zullen andere opleidingen volgen."

"Een ander voorbeeld is de samenwerking die we hebben met het voorbereidend onderwijs, om de overgang naar het hbo te verbeteren. Onlangs hebben we daarover afspraken gemaakt met zo’n 50 vo-scholen in de Rotterdamse regio . Dat doen we ook met de ROC’s. De minister helpt ons om een schakelprogramma mogelijk te maken om de doorstroom mbo-hbo te verbeteren. Daarbij richten we ons op programma’s voor de pabo en de economische opleidingen." 

Hoge ambities

"Tot slot, en voor ons het belangrijkste, investeren we in de kwaliteit van onze docenten. Dat doen we door meer docenten aan te nemen en stevig in te zetten op professionalisering, vooral op het gebied van pedagogiek en didactiek. Daarnaast stimuleren we de opleidingen om werk te maken van teamontwikkeling. De kwaliteit van het onderwijs staat of valt uiteindelijk met de manier waarop de docententeams hier vorm aan geven. Als hogeschool willen we steun om haar ambities te verwezenlijken en niet gekort worden vanwege diezelfde, hoge ambities."

We gebruiken cookies om de website te verbeteren.