Bedrijfskunde MER
Opbouw
Propedeuse
Het eerste jaar, de propedeuse, is bedoeld om je een goede indruk te geven van de opleiding en de functies waarvoor Bedrijfskunde MER opleidt. Je maakt kennis met verschillende aspecten van management, economie en recht en met verschillende praktijkopdrachten. Gedurende het hele eerste jaar leer je in trainingen je communicatieve vaardigheden - schriftelijk en mondeling - in de Nederlandse en de Engelse taal te verbeteren. Je voert zowel groepsprojecten als individuele opdrachten uit.
Hoofdfase
In de hoofdfase wordt verder gewerkt aan verdieping van management, economie en recht, zowel theoretisch als praktisch, daarbij zoveel mogelijk gebruikmakend van de opgedane werkervaringen. In het vierde jaar rond je de opleiding af met een afstudeeropdracht op bedrijfskundig gebied. Hierbij kun je o.a. denken aan analyses van processen en een verbeterplan, risico-analyses en scenario's, business plannen, haalbaarheidssstudies, onderzoek naar de validatie van contracten binnen een organisatie.
Minors
In de laatste fase van je opleiding verdiep je je door middel
van een
minor in je vakgebied of verbreed je je kennis in een door jou
gewenste
richting. Je kunt onder andere kiezen uit onderstaande minors. Let
op!
Bij duale en deeltijdopleidingen kun je niet altijd gebruik maken
van
het gehele aanbod en is je keuze beperkter.
Minor Recht/juridisch advies
Geen enkel facet van ons maatschappelijk bestaan is denkbaar zonder recht. In deze minor wordt de juridische kennis en vaardigheden van de studenten verdiept en verder ontwikkeld. Hierbij worden vooral accenten gelegd op de onderneming in zijn economische, maatschappelijke en juridische context en de zakelijke juridische dienstverlening, zowel in het uitwerken van (mede) door de studenten zelf aangedragen cases als het flankerend onderwijs. Met deze minor kun je deelnemen aan de pre-master van de masterstudie Management en Recht aan de Universiteit van Tilburg. De studiepunten die je tijdens je minor haalt, bieden je een half jaar korting op de pre-master. Je volgt een deel van de vakken op Hogeschool Rotterdam en een deel op de Universiteit van Tilburg.
Minor Working World Wide
As a staff member working on the international aspects of an organisation you are the linking pin between that organisation and the world abroad. You watch international developments and assess their consequences for your organisation. Possible risks demand one reaction and opportunities another. In both cases however, you inform and advise the management of the organisation the course of action and available alternatives. Implementing the decisions by management you look for the opportunities for the organisation within the wider world and you will assess what the best course of action might be in one country or another.
Minor International Human Resource Management
De student die deze minor volgt, leert wat het is om HRM-adviezen te geven in complexe internationale omgevingen. Deze minor richt zich op de Internationale dimensie van het HRM. Met succes opereren in een internationale setting vraagt ontwikkeling op de competenties communicatief vermogen, organisatiesensitiviteit en adviesvaardigheden. Het zijn die competenties waar de minor zich dan ook voornamelijk op richt.
Minor Management Support
De bedrijfsomgeving van organisaties wordt steeds ingewikkelder. Het management heeft daardoor een groeiende behoefte aan ondersteuning. Deze behoefte kan liggen op het gebied van product- en procesvernieuwing, internationalisering kwaliteit, ARBO, milieu, reorganisatie / herstructurering, financieel-economische problematiek en dergelijke. Organisaties schakelen hiervoor een eigen stafmedewerker in, de interne adviseur, of men haalt hulp van buitenaf, de externe adviseur. In de Minor Management Support krijg je ‘tools’ aangereikt en train je vaardigheden die nodig zijn om supportwerkzaamheden op een verantwoorde wijze uit te voeren. Wat deze minor extra interessant maakt, is de ‘real life’ aanpak. Vanaf de eerste weken word je al geconfronteerd met echte bedrijfsopdrachten en hiervoor starten jullie een eigen bedrijf. Zo worden er ca 5 a 6 studentbedrijven (van ca.10 studenten per bedrijf) opgericht die soms met elkaar moeten concurreren om opdrachten binnen te slepen. Voor de financiering van de opstartkosten van je bedrijf stelt de hogeschool een starterskrediet beschikbaar.